Zinmakers: Jimmy, reddende engel met een gouden tand

15 februari 2022

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. We trappen af met zelfstandig zorgprofessional Jimmy Kantoor.  

zinmakers-jimmy

Als Jimmy Kantoor (33) lacht, blinkt zijn gouden tand. Wie met hem praat, kan het best een zonnebril opzetten. Want Jimmy lacht veel. Zeker als het over zijn vak gaat. Het begeleiden van mensen met een beperking, dát is waar hij van geniet. Jimmy werkte met ouderen en cliënten met een ernstig verstandelijke beperking. Maar het werken met cliënten met een licht verstandelijke beperking in combinatie met gedragsproblematiek, dáár haalt hij de meeste voldoening uit. Hoe dat komt? ‘Ik weet niet man, het is gewoon een gevoel,’ zegt hij. En dan, na even nadenken: ‘Misschien komt het doordat dit de eerste doelgroep was waarmee ik aanraking kwam tijdens mijn stage. Dat pakte me.’ 

Zorghart 

Zijn hart lag altijd al bij de zorg, vertelt Jimmy. Het was alleen even zoeken waar precies. De opleidingen sport en bewegen en verpleegkunde staakte hij vroegtijdig. ‘Ik vond dat helemaal niks,’ zegt hij met een grote grijns. Dus zocht hij verder op de website van zijn school. Zijn oog bleef hangen bij MMZ, medewerker maatschappelijk werk. “Wil jij iets betekenen voor mensen met een beperking?”, was de vraag die triggerde. ‘Dat zag ik meteen zitten. Waarom weet ik niet, ook dát was een gevoel. Ik voelde me blij tijdens de opleiding en stages. Ik dacht: ja man, dit past écht bij mij.’ 

Vertrouwen 

Twee jaar later vond Jimmy zichzelf terug in de Rotterdamse haven. Door de financiële crisis vond hij geen werk in de zorg. Stond hij ineens in weer en wind containers te lossen. Zwaar werk. Niet waarvoor hij was opgeleid. Toen werd hij door een vriend geattendeerd op een vacature in de gehandicaptenzorg. Hij twijfelde geen moment, pakte zijn kans en liet nooit meer los. Denk niet dat het makkelijk was, hoor, zegt hij. Kort nadat hij begon, stond hij verstijfd tegenover een agressieve cliënt. ‘Niet van angst, meer van: wat moet ik doen? Mijn teamleider loste het op. Door te praten en de cliënt gerust te stellen. Toen besefte ik: alles draait om vertrouwen. En dat kost tijd. Daar moet je dus in investeren. Dat is soms lastig, want als wij worden ingevlogen, is er vaak geen tijd om rustig ingewerkt te worden. Dan is er crisis. Een reddende engel? Ja man, zo zou je me wel kunnen zien.’ 

Onvoorwaardelijke steun 

Neem zijn huidige opdracht. Bij Zuidwester is hij persoonlijk begeleider van twee cliënten op een woongroep. De cliënten waren agressief, sloegen en spuugden. ‘De vaste begeleiders waren bang. Ze wisten niet goed hoe ze met de agressie moesten omgaan. Inmiddels weet ik dat vrijwel elke hulpvraag in de basis neerkomt op dezelfde dingen. Het bieden van veiligheid, rust en structuur. Dat heb ik gebracht, door veel met de cliënten te praten. Zo kom je erachter waar hun hulpvraag zit en wat ze nodig hebben. De ene cliënt vindt koken leuk. Ik betrek hem bij het weekmenu en laat hem ook meekoken. Dat vindt hij fantastisch. Hij voelt zich verantwoordelijk. Zo zet je iemand in zijn kracht. Onvoorwaardelijke steun, daar gaat het om. Als iemand dát voelt, ben je op de goede weg.’ 

Zin om te zorgen 

Natuurlijk zijn er mindere dagen. Dan krijgt Jimmy een koffiekopje naar zijn hoofd of wordt hij geslagen. Verstijven doet hij niet meer. ‘Het wordt normaal, hoe abnormaal het ook is. En weet je, die momenten wegen niet op tegen de mooie momenten. Als ik heb gelachen met een cliënt is mijn dag gemaakt. Als ik van ouders hoor dat ze blij zijn dat hun kind tóch een stap heeft gezet, denk ik: daar doe ik het voor. Dáár zit voor mij de zin om te zorgen.’ Jimmy lacht. Zijn gouden tand blinkt.