Zinmakers: Marius is rustig en gedisciplineerd, en dat nemen zijn cliënten over

23 november 2022

Zorgprofessional Marius

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie komt zelfstandig zorgprofessional Marius (36) aan het woord.

Ja, de dagen zijn lang. En soms intensief. Van acht uur ’s ochtends tot kwart over zes ’s avonds begeleidt Marius via Zeno aan Huis een 24-jarige autistische jongen met hechtingsproblematiek (ontwikkelingsniveau: 18 maanden) in zijn thuissituatie. Maar eigenlijk altijd rijdt hij met een goed gevoel weer naar huis. Hij ziet de stappen die gemaakt worden. Steeds vaker gaan ze naar buiten om iets leuks te doen. De wandelingetjes duren steeds iets langer. Waar ze anderhalf jaar geleden één keer per dag aan tafel zaten om een activiteit te doen, is dat nu misschien wel twaalf keer per dag.

Alleen thuis met cliënt

Natuurlijk was het spannend, zegt Marius. Bij Ipse de Bruggen had hij als persoonlijk begeleider te maken gehad met heftige cases. Maar wel altijd op een groep. Nu begeleidde hij voor het eerst een cliënt thuis, terwijl de ouders op hun werk waren. ‘Als er dan iets gebeurt, moet je het echt zelf oplossen. En die jongen is 1 meter 90 en vrij sterk…’ zegt Marius. Gelukkig komt angst niet in zijn woordenboek voor. ‘Als je angst uitstraalt, merkt een cliënt dat. Dan krijg je een lastige dag.’

Niet gaan zitten bellen op de bank

Maar cliënten merken meer dan alleen angst. Marius: ‘Als ik eens een keertje wat slechter heb geslapen, ben ik soms wat onrustiger en wat minder geconcentreerd. Dat merk ik dan direct aan de cliënt. Dan verloopt zo’n dag veel minder ontspannen.’ Andersom werkt het precies hetzelfde. ‘Van nature heb ik een vrij rustige uitstraling. Ik toon discipline naar de cliënt toe en ben echt met hem bezig. Stel dat ik op momenten dat hij iets voor zichzelf doet, ga zitten bellen op de bank, dan wordt hij daar onrustig van. Dan voelt hij zich onbegrepen, dan mist hij mijn aandacht. Dat doe ik dan ook niet. Sowieso doe ik dat soort dingen nooit tijdens het werk.’

Waardering van cliënt en ouders

Marius begeleidt deze jongen samen met vier andere collega’s van Zeno. Allemaal werken ze een doordeweekse dag, in het weekend wisselen ze diensten af. ‘Hierin komt voor mij alles samen wat de zorg zo mooi maakt. Ik kan mezelf hier helemaal in laten zien. Je bouwt een band op met een cliënt en je merkt dat hij rustig wordt van jouw aanwezigheid. Daarnaast hebben we als team heel nauw contact met de ouders, die er bewust voor kiezen om hun kind thuis te houden en niet in een instelling te plaatsen. Die band is inmiddels zo hecht, dat ik soms een uur in de auto zit als ze buiten mijn dienst om mijn hulp nodig hebben. Samen komen we steeds verder. Als er eens een dagje geen begeleiding is omdat iemand ziek is, kunnen hij en zijn ouders zich steeds beter zelf redden. Daarvoor krijgen wij als begeleiders heel veel waardering. Dat maakt ons werk mooi en waardevol.’

Geen snelle lastminute dienstjes

Marius is blij met zijn stap naar zelfstandig zorgprofessional. ‘Ik merkte dat ik een beetje begon vast te roesten. Toen kwam ik een andere zzp’er tegen, die over Zeno vertelde. Hij was erg positief. Na een gesprek met directeur Lucas van Wingerden was ik om. Je merkt in alles dat de leiding van Zeno praktijkervaring heeft. Daardoor weten ze precies wat voor soort opdrachten bij iemand passen. Heel anders dan bij een ander bemiddelingsbureau waar ik me had ingeschreven. Daar kwam je terecht in een pool en moest je – vaak lastminute – op dienstjes reageren. Dat is niet mijn ding.’

De zin van het zorgen

Liever werkt Marius langer aan cases. Naast de case voor Zeno aan Huis werkt hij via Zeno al langere tijd bij een christelijke instelling. Daarnaast deed hij door heel Nederland opdrachten met diverse doelgroepen. Van ouderen tot jongeren en van mensen met een lichte tot ernstige verstandelijke beperking. ‘Ik geniet van die afwisseling en heb geen voorkeur voor een bepaalde doelgroep,’ zegt Marius. ‘Ik weet wel dat ik de meeste voldoening haal uit 1-op-1-begeleiding. Dan kun je echt met je volledige aandacht aan iemands toekomst werken. Ja, daar moet je soms geduld voor hebben. Maar als je dan uiteindelijk ergens doorheen breekt, dan komt de cliënt er vrijwel altijd sterker uit. Zelf leer je van die cases meer dan wanneer je telkens op andere plekken diensten draait. In die ontwikkeling, zowel voor de cliënt als mezelf, zit voor mij een belangrijk deel van de zin van het zorgen.’