Zinmakers: Petra zal nooit stoppen met zorgen voor anderen

06 april 2022

zinmakers-petra

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Petra Stadhouders.

Prinses? Kapster? Topsportster? Nee hoor. De 5-jarige Petra Stadhouders (nu 55 jaar) riep: ‘Als ik later groot ben, dan wil ik werken met mensen met een handicap!’ Dat had alles te maken met haar meervoudig lichamelijk en verstandelijk gehandicapte neefje. ‘Hij zat in een instelling in Nijmegen, waar we regelmatig op zondag op bezoek gingen,’ vertelt Petra. ‘Het is vijftig jaar geleden, maar ik kan het me goed herinneren. Hij lag op een grote zaal met andere gehandicapte jongens en meisjes. De hele dag lagen ze in bed. Als wij kwamen, werd hij in een rolstoel gezet. Mochten we een stukje gaan wandelen. Verder werd er bijna niks met hen gedaan.’

Gave

Nooit vond Petra het eng of raar. Waar vriendinnetjes later wel eens stonden te staren als ze iemand met een beperking zagen op straat, daar voelde zij altijd een soort aantrekkingskracht. Waar ‘m dat in zit? Petra heeft geen idee. Het is een gevoel. ‘Mijn huidige man zegt altijd: je moet hiervoor geboren zijn. Het is een soort gave. Niet iedereen kan dit werk doen. Ik zorg graag voor anderen. Daarom zal ik dit werk ook altijd blijven doen. Ook na mijn pensioen. Als vrijwilliger bijvoorbeeld. Ik zal nooit stoppen met zorgen.’

Huiselijke sfeer creëren

Toch duurde het even voordat Petra de zorg in ging. Ze ontmoette haar vorige man op jonge leeftijd, en kreeg snel kinderen. Toen die ouder werden, kwam de drang om in de zorg te werken weer opzetten. Heel even probeerde ze de kinderopvang. Niks voor haar. Zorg voor mensen met een beperking, dát moest het worden. ‘Ik kwam te werken op een groep met jonge meiden met een licht verstandelijke beperking en gedragsproblematiek. Dat beviel ontzettend goed. Werken op een groep en een huiselijke sfeer creëren voor de bewoners; dáár geniet ik van.’

Van commanderen naar meehelpen

Natuurlijk komt Petra lang niet overal in een gespreid bedje terecht. Zoals bij haar huidige opdracht, waar ze nu een jaar werkt. ‘Tijdens mijn eerste dienst zei een cliënt: “Ik wil graag sinas, pak jij dat even uit de koelkast.” Dat was typerend voor de sfeer op die groep. De cliënten deden vrij weinig. Dat hebben we snel rechtgezet. Nu helpen ze met stofzuigen en wordt gezamenlijk de vaatwasser ingeruimd. Ik ben zorgzaam hoor, zeker. Ik wil er echt voor de cliënt zijn. Maar ik help hen niet als ik zelf die sinas uit de koelkast pak. Ze hebben baat bij zelfstandigheid. En bij structuur. ’s Avonds douchen is bij mij ook echt ’s avonds douchen. Daar kunnen we lang over discussiëren, maar negen van de tien keer win ik die discussie. “Oké, zeikerd”, zegt de cliënt dan met een knipoog.’

Roeping

Er was een tijd dat Petra klaar was met de zorg. Ze stopte, ging een jaar werken in een kledingzaak. Tot een vrouw met een autistische dochter zei dat Petra zo fijn met haar dochter omging. ‘Ik dacht: ik moet terug. De zorg is gewoon mijn roeping.’ Dat is bijna drie jaar geleden. Sindsdien werkt Petra als zelfstandige voor Zeno. ‘We kijken allemaal naar wat wél kan. Daar hou ik van. Ik heb al op verschillende groepen gestaan. Van mondige cliënten die je uitschelden tot ernstige beperkte cliënten die je volledig moet verzorgen. De rode draad is hetzelfde: als iedereen ’s avonds vrolijk naar bed is gegaan en lekker slaapt, dan ga ook ík met een voldaan gevoel naar huis.’