Zinvol nieuws

interviews, publicaties en nieuws over Zeno’s projecten

Direct hulp nodig? Bel: +31 184 63 67 12

Zinmakers: Voor teamspeler Youssef is werken in de zorg topsport

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Youssef Lakbir. Soms moet je gewoon in het diepe springen. Zelfs als je geen zwemdiploma hebt. Youssef Lakbir deed het in 2012. In de zeven jaar daarvoor werkte hij op administratieve afdelingen van een zorgverzekeraar en […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Youssef Lakbir.

zinmakers-youssef

Soms moet je gewoon in het diepe springen. Zelfs als je geen zwemdiploma hebt. Youssef Lakbir deed het in 2012. In de zeven jaar daarvoor werkte hij op administratieve afdelingen van een zorgverzekeraar en zorgkantoor. Hij was er verantwoordelijk voor de financiële uitvoering van de AWBZ, de huidige WLZ-regeling. Leuk werk. Maar altijd brandde er een klein waakvlammetje in hem. Hij wilde iets met mensen doen. Met jongeren. Voor een klas staan, in de zorg werken.


Steekvlam

Dat waakvlammetje werd een steekvlam toen Youssef op het spoor kwam van een project voor vastgelopen forensische jongeren. Hij sprong, zonder diploma. En hij bleef drijven. Met dank aan zorggroep ’s Heeren Loo, die hem de kans gaf om zich te ontwikkelen. Je moet niet bang zijn om af en toe klappen te krijgen van cliënten, zeiden ze. Dat was Youssef niet. Je moet dit wel écht willen, zeiden ze. Dat wilde Youssef wel. Hij volgde een mbo-opleiding tot persoonlijk begeleider gehandicaptenzorg en leerde werken met de Triple C-methodiek.

Tien kapotte ruiten

Ze hadden niet gelogen bij ’s Heeren Loo. Youssef kreeg regelmatig klappen. Hij bleef rustig, dacht aan wat hij had geleerd. ‘Als een cliënt een ruit stukgooit, wil hij daar iets mee zeggen. Iets dat hij niet onder woorden kan brengen,’ vertelt Youssef. ‘Vaak wordt zo iemand meteen weer opgesloten. Als je dat doet, houd je het gedrag in stand of maak je het erger. Ik wil achterhalen wat er écht aan de hand is. Soms moeten er eerst tien ruiten kapot, voordat je verder komt. Maar die kapotte ruiten zijn een middel om tot iets te komen. Hetzelfde geldt voor klappen krijgen, al klinkt dat gek. Niemand wil klappen krijgen. Maar vanuit die situatie kun je een stap de goede kant opzetten.’

Vertrouwen

Alles draait om vertrouwen, zegt Youssef. Cliënten hebben doorgaans weinig vertrouwen in medemensen of het systeem. Dat geldt al helemaal voor de forensische jongen met wie hij lang werkte. ‘De eerste reactie is vaak: Wie ben jij dan? Waarom zou jij mij wél kunnen helpen? De enige manier om vertrouwen te winnen, is iemand onvoorwaardelijk steunen. Goed luisteren en kijken, de echte hulpvraag achterhalen. Zeggen: ik blijf je helpen, ik blijf achter je staan. En structuur bieden. Niet afwijken van het dagprogramma. Dan ben je betrouwbaar voor een cliënt. Daar draait het om.’

Estafetteteam

Youssef vergelijkt het met topsport. ‘Je moet continu scherp zijn en kunt niet verslappen. In één onbewaakt moment kun je werk van maanden kapotmaken.’ Hij gooit er nog een metafoor in: ‘Begeleiders rondom een cliënt zijn een estafetteteam. Je geeft het stokje aan elkaar door, maar je moet wel goede afspraken maken. Anderen moeten langer rennen als jij een fout maakt. Alles moet kloppen. Dat vind ik mooi. ik ben een teamspeler.’

Stressbuffer

In zijn jaren als zelfstandig zorgprofessional zag Youssef veel leed. Mishandeling, seksueel misbruik, loverboyslachtoffers, hechtingsproblemen, zelfbeschadiging. De rode draad? ‘Mensen zitten niet lekker in hun vel. De boog staat te strak, ze hebben geen stressbuffer. Wíj zijn die buffer en zorgen er stap voor stap voor dat die boog minder gespannen wordt. Dat ze weer zichzelf kunnen zijn. Als je dat ziet gebeuren – dáár zit voor mij de zin van het zorgen.’

lees verder

Zinmakers: Daniël, ruimdenkende ‘rare’ vogel

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Daniël Schenk. Geloven draken in God? Die vraag kreeg Daniël Schenk (37) onlangs van een cliënt. Dan kun je dus zeggen: weet ik veel. Of: nee joh, natuurlijk niet. Maar je kan ook zo doen als […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Daniël Schenk.

Geloven draken in God? Die vraag kreeg Daniël Schenk (37) onlangs van een cliënt. Dan kun je dus zeggen: weet ik veel. Of: nee joh, natuurlijk niet. Maar je kan ook zo doen als Daniël. Dan zeg je tegen die cliënt dat draken niet bestaan. Maar dat draken wel op dinosaurussen lijken. En dat vogels afstammen van dinosaurussen. En dan vraag je: wat denk jij, zouden vogels geloven in God? Ja, zegt die cliënt dan, ik denk wel dat vogels geloven in God. Nou, dan dinosaurussen ook. En als je dan toch denkt dat draken bestaan, vooruit, dan geloven die óók in God.

Rare vogel

Wat Daniël betreft krijgt hij elke dag zulke vragen. Waarom dat zo is? ‘Ja, ik weet niet man,’ zegt hij, ‘ik hou gewoon van gekkies, in de goede zin van het woord. Ik ben zelf ook een beetje een rare vogel. Het mag van mij best over het randje van de realiteit gaan. Mensen met psychiatrische problemen stoppen we tegenwoordig weg. Ik denk dat ze op een betere manier aan de maatschappij kunnen deelnemen. Vroeger waren dat soort mensen medicijnman of zo. Voor mij is iedereen gelijk. Ik ben zo min mogelijk veroordelend en zoveel mogelijk geïnteresseerd in iemand.’

Jeugdgevangenis

Misschien komt het omdat hij vroeger in Rotterdam zelf een boefje was, zegt Daniël. Naarmate hij volwassener werd, dacht hij: ik ga in de jeugdgevangenis werken. Kleine boze jongetjes helpen, zoals ik zelf ooit was. ‘Maar daar ervaarde ik dat je niet iemand kan helpen wanneer je tegelijkertijd ook degene bent die hem opsluit.’ Daniël kwam na een studie social work te werken in de jeugdhulpverlening. Tien jaar lang stond hij op leefgroepen met jongeren die uit huis waren geplaatst. Als zelfstandig zorgprofessional hielp hij de afgelopen tweeënhalf jaar ook cliënten met een licht verstandelijke of meervoudige beperking, psychiatrische cliënten en dak- en thuislozen. Maar jongeren gaan hem nog steeds aan het hart. Neem Bram, van wie hij al lang ambulant begeleider is. Hij levelt gewoon lekker met jongeren. Er is een connectie. Hij raakt ze en boekt resultaat.

Lachen met Leendert

Maar zijn meest bijzondere cliënt is toch wel Leendert, een wat oudere man. Daniël maakte een korte documentaire over hem, getiteld ‘De leeuw die graag Koos Alberts wilde worden’. Soms gingen ze zomaar op pad. Op de scooter naar Rotterdam. Lekker 0.0-biertjes drinken in een café. Of een schilderij maken en dat dan zomaar ergens aanbieden. ‘Je kan denken: gedoe, met een cliënt op de scooter naar Rotterdam. Maar je kan ook gewoon gáán. En dan zien hoe het gaat. Dat is wat we bij Zeno doen. Dat maakt ons anders dan andere zorgverleners. We zijn creatiever, ruimdenkender. En als ik Leendert dan zie genieten en we lachen samen ergens om… Meer heb ik niet nodig, man.’

Zorgen is fucking cool

Ruim denken, dat kun je aan Daniël wel overlaten. Niet voor niets deed hij de afgelopen jaren nog een studie filosofie aan de Erasmus Universiteit. De zin van het leven volgens hem? ‘De enige zin van het leven is zorgen. Of beter gezegd: lief zijn voor een ander. Dat is echt het enige dat zinnig is in dit leven. Als je daar ook nog geld voor krijgt, waarom zou je dan iets anders doen? Het is fucking cool als je voor iemand zorgt, je leven in dienst stelt van anderen. Ik zou echt nooit iets anders willen doen.’

werken bij zeno
lees verder

Zinmakers: kansloze gevallen bestaan niet voor Martijn

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: Martijn Luijbregts (26), zorgprofessional in dienst bij Zeno.   Wat andere mensen ergens van vinden? Dat maakt Martijn Luijbregts niks uit. Dus gaat hij vrolijk de straat op met de cliënt van wie hij persoonlijk begeleider is. Ook […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: Martijn Luijbregts (26), zorgprofessional in dienst bij Zeno.  

zinmakers-martijn

Wat andere mensen ergens van vinden? Dat maakt Martijn Luijbregts niks uit. Dus gaat hij vrolijk de straat op met de cliënt van wie hij persoonlijk begeleider is. Ook als die keihard zit te huilen in zijn rolstoel. Huilen zonder tranen, want die kan hij vanwege medicatie niet meer aanmaken. Natuurlijk kijken mensen dan wel eens raar op. Maar het gaat Martijn om die man. Die geniet van het dagelijkse uitstapje in de buitenlucht. Martijn is even stil nadat hij de anekdote heeft verteld. Dan zegt hij: ‘Weet je waar het allemaal om draait? Dat iemand zichzelf kan zijn. Dat wil toch iedereen? Cliënten zijn ook mensen. Ze hebben gevoel, al kunnen ze dat niet altijd uiten. Dat wordt wel eens vergeten.’

Verslaafd

Het gevoel mensen te willen helpen. Martijn heeft het altijd gehad. Eerst deed hij dat als personal trainer in een sportschool. Toen hij langs het tv-programma “Verslaafd!” zapte, wist hij wat hij écht wilde. ‘Ik zag een hulpverlener boksen met iemand met een verslaving,’ vertelt Martijn. ‘Dat vond ik zó gaaf om te zien. Zoiets wilde ik ook.’ Niet veel later begon de Tilburger aan een studie medewerker maatschappelijke zorg (MMZ).

Kansloos geval

Inmiddels is hij ruim tweeënhalf jaar in dienst bij Zeno. Meer dan de helft van die tijd is hij persoonlijk begeleider van de 63-jarige man zonder tranen. Kansloos geval, kreeg hij te horen. De man praatte niet, kwam zijn bed niet uit en werd omschreven als ‘psychotisch’. Een officieel ‘etiket’ had ie niet. ‘Die man was eigenlijk opgegeven. Hij was totaal niet zelfredzaam, sloeg af en toe. In de zorginstelling wisten ze niet wat ze met hem aan moesten.’

Onderdeel van de maatschappij

Dan moet je net bij Martijn zijn. Die neemt daar geen genoegen mee. Hij beet zich vast in de casus. Samen met andere collega’s kreeg hij de man uit bed. Nu loopt hij weer zelfstandig, communiceert redelijk en komt dagelijks buiten. Of zoals Martijn zegt: ‘Hij is weer onderdeel van de maatschappij.’ Hoe ze dat voor elkaar kregen? ‘Dat heeft te maken met de Zeno-methode, gebaseerd op Triple C. Daarbij nemen we niet het gedrag als uitgangspunt, maar de menselijke behoeften. Het draait om vertrouwen, ontwikkeling en zelfstandigheid. Maar het gaat ook om wat in je hart zit. In hoeverre je meegaat in iemands gedrag. En in hoeverre je genoegen neemt met een typering als “kansloos geval”. Bij Zeno doen we dat niet. Wij geloven dat we iedereen vooruit kunnen helpen.’

Verplaatsen in de ander

Nu is er zelfs een etiket voor de cliënt. Waardoor zijn medicatie beter aansluit bij zijn aandoening en verzorgenden beter weten hoe ze met hem moeten omgaan. ‘Het gaat ook om levellen, je verplaatsen in de cliënt,’ zegt Martijn. ‘Toevallig heb ik net als hij een ochtendhumeur. Als je om half acht ontbijt en iemand heeft moeite met opstaan, wek hem dan alvast om kwart over zeven en niet om vijf voor half acht. Dat soort kleine dingen, daar wordt – onbewust – niet altijd bij stilgestaan.’

Het alledaagse als hoogtepunt

Het zijn de kleine dingen die het doen, dus. Ook wat betreft geluksmomentjes. ‘Een lach. Maar ook even een broodje eten op de markt of naar een winkel. Voor ons alledaagse dingen, voor cliënten hoogtepunten van de week. Als je hem dan ziet stralen, dan besef ik: wat ik doe, heeft zin.’

lees verder

Zinmakers: Jimmy, reddende engel met een gouden tand

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. We trappen af met zelfstandig zorgprofessional Jimmy Kantoor.   Als Jimmy Kantoor (33) lacht, blinkt zijn gouden tand. Wie met hem praat, kan het best een zonnebril opzetten. Want Jimmy lacht veel. Zeker als het over zijn vak gaat. Het begeleiden van […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. We trappen af met zelfstandig zorgprofessional Jimmy Kantoor.  

zinmakers-jimmy

Als Jimmy Kantoor (33) lacht, blinkt zijn gouden tand. Wie met hem praat, kan het best een zonnebril opzetten. Want Jimmy lacht veel. Zeker als het over zijn vak gaat. Het begeleiden van mensen met een beperking, dát is waar hij van geniet. Jimmy werkte met ouderen en cliënten met een ernstig verstandelijke beperking. Maar het werken met cliënten met een licht verstandelijke beperking in combinatie met gedragsproblematiek, dáár haalt hij de meeste voldoening uit. Hoe dat komt? ‘Ik weet niet man, het is gewoon een gevoel,’ zegt hij. En dan, na even nadenken: ‘Misschien komt het doordat dit de eerste doelgroep was waarmee ik aanraking kwam tijdens mijn stage. Dat pakte me.’ 

Zorghart 

Zijn hart lag altijd al bij de zorg, vertelt Jimmy. Het was alleen even zoeken waar precies. De opleidingen sport en bewegen en verpleegkunde staakte hij vroegtijdig. ‘Ik vond dat helemaal niks,’ zegt hij met een grote grijns. Dus zocht hij verder op de website van zijn school. Zijn oog bleef hangen bij MMZ, medewerker maatschappelijk werk. “Wil jij iets betekenen voor mensen met een beperking?”, was de vraag die triggerde. ‘Dat zag ik meteen zitten. Waarom weet ik niet, ook dát was een gevoel. Ik voelde me blij tijdens de opleiding en stages. Ik dacht: ja man, dit past écht bij mij.’ 

Vertrouwen 

Twee jaar later vond Jimmy zichzelf terug in de Rotterdamse haven. Door de financiële crisis vond hij geen werk in de zorg. Stond hij ineens in weer en wind containers te lossen. Zwaar werk. Niet waarvoor hij was opgeleid. Toen werd hij door een vriend geattendeerd op een vacature in de gehandicaptenzorg. Hij twijfelde geen moment, pakte zijn kans en liet nooit meer los. Denk niet dat het makkelijk was, hoor, zegt hij. Kort nadat hij begon, stond hij verstijfd tegenover een agressieve cliënt. ‘Niet van angst, meer van: wat moet ik doen? Mijn teamleider loste het op. Door te praten en de cliënt gerust te stellen. Toen besefte ik: alles draait om vertrouwen. En dat kost tijd. Daar moet je dus in investeren. Dat is soms lastig, want als wij worden ingevlogen, is er vaak geen tijd om rustig ingewerkt te worden. Dan is er crisis. Een reddende engel? Ja man, zo zou je me wel kunnen zien.’ 

Onvoorwaardelijke steun 

Neem zijn huidige opdracht. Bij Zuidwester is hij persoonlijk begeleider van twee cliënten op een woongroep. De cliënten waren agressief, sloegen en spuugden. ‘De vaste begeleiders waren bang. Ze wisten niet goed hoe ze met de agressie moesten omgaan. Inmiddels weet ik dat vrijwel elke hulpvraag in de basis neerkomt op dezelfde dingen. Het bieden van veiligheid, rust en structuur. Dat heb ik gebracht, door veel met de cliënten te praten. Zo kom je erachter waar hun hulpvraag zit en wat ze nodig hebben. De ene cliënt vindt koken leuk. Ik betrek hem bij het weekmenu en laat hem ook meekoken. Dat vindt hij fantastisch. Hij voelt zich verantwoordelijk. Zo zet je iemand in zijn kracht. Onvoorwaardelijke steun, daar gaat het om. Als iemand dát voelt, ben je op de goede weg.’ 

Zin om te zorgen 

Natuurlijk zijn er mindere dagen. Dan krijgt Jimmy een koffiekopje naar zijn hoofd of wordt hij geslagen. Verstijven doet hij niet meer. ‘Het wordt normaal, hoe abnormaal het ook is. En weet je, die momenten wegen niet op tegen de mooie momenten. Als ik heb gelachen met een cliënt is mijn dag gemaakt. Als ik van ouders hoor dat ze blij zijn dat hun kind tóch een stap heeft gezet, denk ik: daar doe ik het voor. Dáár zit voor mij de zin om te zorgen.’ Jimmy lacht. Zijn gouden tand blinkt.  

lees verder