Zinvol nieuws

interviews, publicaties en nieuws over Zeno’s projecten

Direct hulp nodig? Bel: +31 184 63 67 12

Zinmakers: Linette, van kunstenares naar ambulant jeugd- en gezinsprofessional

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan Linette Trapman (50), deels in dienst bij Zeno aan Huis en deels zelfstandig jeugd- en gezinsprofessional.   Waar het vandaan komt? Linette heeft geen idee. Maar al haar hele leven voelt ze iets voor […]

zinmaker linette trapman

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan Linette Trapman (50), deels in dienst bij Zeno aan Huis en deels zelfstandig jeugd- en gezinsprofessional.  

Waar het vandaan komt? Linette heeft geen idee. Maar al haar hele leven voelt ze iets voor kinderen en jongeren “die iets hebben”. Eigenlijk wilde ze na de havo de studie hbo jeugdzorg volgen. Door omstandigheden werd het iets heel anders: grafische vormgeving. Ze ontwikkelde zichzelf tot kunstenares. Vanuit haar atelier in haar tuin gaf ze tekenlessen en workshops aan kinderen. Het succes van de YouTube-tutorials werkte niet in haar voordeel. En dus dacht ze in 2019: wat zal ik nu eens gaan doen? Diep van binnen bleek de jeugdzorg nog steeds te trekken. Ze volgde een opleiding social work en is nu gediplomeerd jeugd- en gezinsprofessional.

Zeno aan Huis

Linette is voor 12 uur per week in dienst bij Zeno aan Huis en werkt de rest van de tijd als zelfstandige. Een perfecte match, zegt ze. ‘Het geeft me een stuk zekerheid, maar ik leer bij Zeno ook zóveel van andere professionals. Ik kan met hen overleggen over cases. Die ervaring neem ik mee naar mijn eigen praktijk. Daarnaast passen de zorgvisie van Zeno aan Huis en die van mij perfect bij elkaar. Betrokkenheid, nabijheid, actief en ondernemend zijn, dingen samen doen met een cliënt, altijd het positieve zien… Ja, dat is precies hoe ik zorg wil leveren.’

Niks om voor te schamen

En dan heeft Linette nog een ander onderscheidend element: haar persoonlijke ervaring. Ze adopteerde twintig jaar geleden een zoon van toen drieënhalf jaar oud, met autisme en Gilles de la Tourette. ‘Ik weet precies hoe ouders het ervaren als een ambulant begeleider thuiskomt. Dat kan soms lastig zijn, het is niet altijd fijn om een vreemde in huis te hebben. Zeker als het niet lekker loopt. Ouders van kinderen met gedragsproblemen schamen zich vaak. Ik zeg direct: dat is niet nodig, want ik heb alles meegemaakt, tot van school gestuurd worden aan toe. En natuurlijk snap ik dat ik niet zomaar een keukenkastje kan opentrekken of een slaapkamer kan binnenstappen. Ouders vinden het heel fijn dat ik uit eigen ervaring kan praten en dat ik begrip heb voor hun situatie.’

Thuis is de basis

De 1-op-1 ambulante begeleiding heeft Linette’s hart gestolen. Waar ‘m dat in zit? ‘Ik vind het gewoon heel fijn om in alle rust met een cliënt te kunnen werken. Op die manier kan ik beter structuur bieden en het vertrouwen winnen van een cliënt. Thuis is de basis, daar moet iemand zich fijn en vertrouwd voelen. Ik weet hoe lastig het kan zijn om als ouder begeleiding aan je kind te geven, zeker als je nog andere kinderen hebt. Vanuit huis dingen ondernemen – naar werk gaan, boodschappen doen of gaan sporten; dat vind ik gewoon mooi om te doen.’

Eyeopeners

Linette werkt het liefst met jongeren. ‘Met hen is nog zoveel winst te behalen, omdat ze een leven voor zich hebben. Bovendien vragen ze zich in deze fase af: wat wil ik? Wie ben ik? Hoe zit ik in elkaar? Jongeren kunnen reflecteren – meer dan jongere kinderen. Jongeren en jongvolwassenen eyeopeners geven, waarmee ze verder kunnen, dat is een van de mooiste dingen die er is. Maar ik vind het ook heel fijn om ouders te helpen. Bijvoorbeeld door hen te vertellen over de methode “Geef me de 5” bij kinderen met autisme. Zij willen weten: Wat is mijn taak? Hoe voer ik hem uit? Waar vindt het plaats? Wanneer moet ik het doen? En tot slot: wie is erbij betrokken? Mis je één van die vijf, dan kan een kind blijven malen. Terwijl je als ouder denkt: ik heb toch alles verteld?’

Alles komt samen

Linette profiteert van haar creatieve achtergrond en ervaring. ‘Voor mijn zoon maakte ik picto’s, die hem structuur en duidelijkheid brachten. Ook nu geniet ik ervan om creatief met jongeren aan de slag te gaan. Bijvoorbeeld door samen een bullet journal te maken. Dat soort dingen deed ik al, nu doe ik het met een professionele ondergrond. Ik kan daar helemaal in opgaan, ook buiten werktijd om. Dat is een valkuil, maar ook mijn kracht. Want doordat ik er zó over blijf nadenken, ontstaan ideeën en oplossingen. Ook bij andere collega’s bij Zeno merk ik dat; we zijn altijd op zoek naar beter. Naar het beste. Bij dit werk valt alles waar ik van houd als een puzzel in elkaar. Dat is een heerlijk gevoel. Ik weet zeker dat ik dit tot mijn pensioen blijf doen.’

lees verder

Zinmakers: Danny krijgt met zijn positivisme iedereen mee, ook de ouders van cliënten

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan zelfstandig zorgprofessional Danny van der Stelt (33). Eerst dacht de 9-jarige Danny dat het wel zou loslopen. Maar toen zijn zusje ouder werd, zag hij het: ze is anders dan anderen. Ze bleek een […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan zelfstandig zorgprofessional Danny van der Stelt (33).

Eerst dacht de 9-jarige Danny dat het wel zou loslopen. Maar toen zijn zusje ouder werd, zag hij het: ze is anders dan anderen. Ze bleek een matig verstandelijke beperking te hebben. Het functieniveau van een 4- of 5-jarige. Lezen en schrijven lukt haar niet. Maar met haar communiceren, dat gaat perfect. Danny en zijn inmiddels 24-jarige zusje zijn twee handen op één buik. De band is zeer hecht.

Van hobby naar beroep

Eigenlijk, zegt Danny, heeft hij een beetje van zijn hobby zijn beroep gemaakt. Want hoe ouder zijn zusje werd, hoe meer hij inzag dat dingen die vanzelf zouden moeten gaan, bij haar soms uiterst moeizaam verliepen. ‘Ik ging met haar mee naar school, organiseerde bingoavonden voor haar en haar vriendjes en vriendinnetjes. Op latere leeftijd keek ik ook naar haar zorgplannen, dacht ik met mijn ouders mee over de instelling die bij mijn zusje zou passen. Ik vind mensen met een beperking geweldig; ze zijn puur en oprecht.’

Spring maar op m’n rug

En dus was het niet onlogisch dat Danny op zijn 20ste in de zorg belandde. Hij koos niet de makkelijkste weg. ‘Ik had met cliënten zoals mijn zusje kunnen gaan werken. Matig verstandelijke beperking, syndroom van Down, een beetje de “makkelijke” gehandicapten. Maar ik koos voor de Very Intensive Care. Cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag, agressie, hechtingsstoornis en automutilatie. Ook zij hebben recht op een zo menswaardig mogelijk leven. Ik wil niks liever dan cliënten het gewone leven laten ervaren. Spring maar op m’n rug. Ik geef jou het vertrouwen en samen komen we er wel. Samen kunnen we de wereld aan. Dat is ook precies de visie van Zeno. Daarom passen we zo goed bij elkaar. Zeno staat echt voor de kwaliteit van de zorg. Iedereen die hier werkt, doet dit oprecht vanuit zijn hart.’

Zwembad ontruimd

Dat gaat vaak goed. Maar niet altijd. Er moest eens een volledig zwembad worden ontruimd, omdat een cliënt ondanks een zwemluier ontlastte in het water. ‘En ik heb eens meegemaakt dat mensen in een park in Den Bosch de politie belden. De drukte werd een cliënt te veel, waardoor hij hevig auto mutileerde en zichzelf begon te bijten. Ik moest hem fixeren, maar dat viel natuurlijk op. Achteraf hadden we die situatie verkeerd ingeschat; we hadden niet naar het park moeten gaan. Maar dat houdt me niet tegen om het de volgende keer weer te proberen.’

Positivisme en ADHD

Het is maar goed dat Danny positief is ingesteld. ‘Wat ik van collega’s vaak hoor, is dat ik door mijn enthousiasme en mijn super positieve houding cliënten vaak vanzelf mee krijg. Ik hoef daar geen moeite voor te doen. Ik ben gewoon positief en heb ook een beetje ADHD. Een combinatie die een positieve weerslag heeft op cliënten, maar ook op teamleden.’

Kneepjes van het vak leren

Dat laatste komt dan weer van pas in zijn huidige functie van teamleider/-manager. ‘Er komen vanwege de enorme vraag naar personeel steeds meer onervaren mensen de zorg in. Ik leer hen de kneepjes van het vak en de methodieken, zoals Triple C. Ook bewaak ik als teamleider de onderlinge sfeer. Mijn overtuiging is: hoe sfeervoller het is tussen collega’s onderling, hoe beter het is voor de cliënten. Zo zorg ik ervoor dat we samen dezelfde koers varen, richting die stip aan de horizon. Dat is niet altijd makkelijk, want meestal kom ik in situaties waarin het niet lekker loopt. Maar met mijn positivisme en mijn manier van werken en structuur aanbrengen, komt het uiteindelijk altijd goed.’

Contact met ouders

Ook vindt Danny het belangrijk om de driehoek cliënt-ouder-begeleiding te bewaken. ‘Je hebt elkaar nodig om tot iets moois te komen voor een cliënt. Het contact met ouders is zó belangrijk, weet ik uit persoonlijke ervaring. Het is voor ouders vaak moeilijk om de zorg voor hun kind uit handen te geven. De ene ouder zegt: dit kan mijn kind helemaal niet. De ander vindt dat je het kind te weinig aandacht geeft. Thuis mogen cliënten soms andere dingen, om ze een beetje te pleasen. Als begeleiding kunnen we daar niet altijd in meegaan, wij bewaken de lijn tussen wens en behoefte. Maar het is wel belangrijk om daar goed over te praten met ouders.’

Voor altijd zorgen

En zijn zusje? ‘Zij doet het supergoed op de woongroep waar ze nu woont met veertien anderen. Dat is niet vanzelfsprekend, dus ik ben blij dat het zo goed gaat. Regelmatig ga ik bij haar langs en gaan we leuke dingen doen. Dat zal ik altijd blijven doen, net zoals werken in de zorg. Ik kan me geen mooier werk voorstellen.’

lees verder

Zinmakers: Hardi leeft voor de succesmomenten, hoe klein die soms ook zijn

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Ditmaal: zelfstandig zorgprofessional Hardi Geder Fattah (30). Hardi Geder Fattah brak ooit zijn hand tijdens een dienst. Hij zat ook al eens in een politiebusje na een uitbarsting van een cliënt. En tijdens een van zijn allereerste diensten kreeg hij tijdens […]

Hardi Geder Fattah

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Ditmaal: zelfstandig zorgprofessional Hardi Geder Fattah (30).

Hardi Geder Fattah brak ooit zijn hand tijdens een dienst. Hij zat ook al eens in een politiebusje na een uitbarsting van een cliënt. En tijdens een van zijn allereerste diensten kreeg hij tijdens het avondeten van een cliënt een klap met de vlakke hand. Maar hij maakte ook mee hoe een vrouw vanuit de crisispreventie binnenkwam en uiteindelijk de stap zette naar zelfstandig wonen. Dat laatste is wat hij onthoudt. Want, zo zegt hij: ‘Ik bouw alleen op succesmomenten. Negatieve ervaringen laat ik niet te veel toe, al leer ik er natuurlijk wel van.’

Trauma’s komen los

Bij zijn huidige opdracht moet Hardi soms met een vergrootglas zoeken naar die succesmomenten. Al ruim twee jaar is hij een de vaste begeleiders van een cliënt die 2-op-1-begeleiding nodig heeft. ‘Dat is nodig om hem de nabijheid te kunnen geven die hij nodig heeft. Deze cliënt heeft veel trauma’s uit het verleden. Nu, na twee jaar, komen die trauma’s los. Dat gaat met vallen en opstaan. Dan heeft hij ineens een periode dat hij bijna niet eet en 20 kilo afvalt. Dan weer een tijd dat hij om zich heen slaat. Ik raak nooit uitgeleerd bij deze cliënt. Het doel is om naar 1-op-1-begeleiding te gaan. En we hopen hem uiteindelijk terug te laten keren bij de groep. Daarvoor moet je geduld hebben, maar ik geloof dat het kan.’

Menswaardig bestaan

Bovendien vindt Hardi vanuit het diepst van zijn hart dat iedere cliënt, ieder mens, maximale kwaliteit van leven verdient. ‘Ik heb genoeg schrijnende situaties meegemaakt. Cliënten die de hele dag in bed lagen of hun matras voor de deur legden om hun kamer te blokkeren. Vanuit angst of onzekerheid willen niet alle zorgprofessionals met dit soort cliënten werken. Ik ga juist graag met hen aan de slag. Laat mij maar een dagprogramma samenstellen, activiteiten ondernemen en een cliënt coachen. Dat past bij mij. Daarnaast vind ik dat iedereen recht heeft op een menswaardig leven. En als je met dit soort cliënten succesmomenten beleeft… Ja, dan geniet ik gewoon dubbel zoveel.’

Van Iraaks-Koerdistan naar Rotterdam-Zuid

Dat Hardi met mensen zou gaan werken, was altijd al duidelijk. Vanaf zijn achtste woont hij in Rotterdam-Zuid, waar hij werkte bij jongerenorganisatie Thuis op Straat en trainer was van jeugdvoetbalteams van RVV LMO. ‘Ik vond het interessant om jongeren uit deze achterstandswijk te helpen. In grote lijnen is het hetzelfde als ik nu doe: je geeft mensen een zinvolle dagbesteding en probeert hen door coaching iets te leren en hen beter te maken. Dat spreekt me aan. Daarom zal ik ook altijd met mensen blijven werken. In welke richting dat dan ook is.’

Vertrouwen is de sleutel

Het sleutelwoord? ‘Vertrouwen,’ zegt Hardi. ‘Je moet vertrouwen winnen om je boodschap en werkwijze goed te kunnen overbrengen. Alleen als cliënten je volledig vertrouwen, zijn ze bereid om naar je te luisteren. Dat is een dun koord waarop je balanceert. Zeker bij onze huidige cliënt kan één gebeurtenis, hoe klein ook, ervoor zorgen dat het vertrouwen een flinke deuk oploopt. Soms kun je er als begeleider ook niets aan doen, omdat er iets voorvalt met een familielid of ander persoon.’

Samenwerken met Zeno-professionals

Het voordeel is dat Hardi vaak met andere Zeno-professionals samenwerkt. ‘We delen dezelfde zorgvisie en hebben dezelfde, goed gevulde rugzak. Qua ervaring, maar ook qua behandelmethodiek. Daardoor voel en vúl je elkaar goed aan. De Zeno-professionals denken in oplossingen en kijken vooral naar de kwaliteit van leven van de cliënten. Daarnaast ben je bij Zeno geen nummer. Vanuit de organisatie wordt goed gekeken naar wat bij jou en jouw kwaliteiten past. Dat spreekt me enorm aan en zorgt ervoor dat ik als zelfstandige vooral opdrachten voor Zeno wil doen.’

lees verder

Zinmakers: een zinvolle dagbesteding is bij Melvin in perfecte handen

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Melvin Slooten (36).   ‘Grappenmaker.’ ‘Als je met Melvin een dienst hebt gedraaid, vergeet je dat nooit meer.’ ‘Altijd vrolijk en enthousiast.’ Het zijn zomaar wat omschrijvingen van andere zorgprofessionals, die eerder in deze rubriek aan […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Melvin Slooten (36).  

Melvin Slooten met zijn dagbestedingsgroep

‘Grappenmaker.’ ‘Als je met Melvin een dienst hebt gedraaid, vergeet je dat nooit meer.’ ‘Altijd vrolijk en enthousiast.’

Het zijn zomaar wat omschrijvingen van andere zorgprofessionals, die eerder in deze rubriek aan het woord kwamen. ‘Dat zijn geen leugens,’ lacht Melvin, als hij hoort wat zijn Zeno-collega’s over hem zeggen. ‘Ik sta voor vrolijkheid en enthousiasme. Ik wil elke dag leuk en zinvol maken. Voor mezelf, maar vooral ook voor de cliënten.’

Trappelen van enthousiasme

Daar slaagt Melvin met glans in. Dagelijks staan de cliënten van de dagbestedingslocatie van Profila in Puttershoek ruim voor openingstijd te trappelen voor de deur. Melvin werkt sinds een jaar op deze locatie. ‘In het begin moesten we de cliënten bij wijze van spreken het busje in duwen,’ zegt hij. ‘Nu kunnen ze niet wachten tot ze om negen uur mogen beginnen.’

Snoeien en verhuizen

De dagbestedingslocatie is inmiddels een begrip in de Hoeksche Waard. De cliënten met een licht verstandelijke beperking voeren allerlei klusjes uit in Puttershoek en omliggende dorpen. In opdracht van de gemeente wordt de buurt schoon gehouden, staal ingezameld en een deel groenvoorziening gedaan. Voor particulieren worden heggen gesnoeid, zolders leeggeruimd en spullen verhuisd. Bij het bedrijf QLS in Dordrecht worden bussen gewassen. En zo zijn er nog duizend-en-een klusjes die worden uitgevoerd.

Eigen broek ophouden

‘We zijn een bedrijf in een bedrijf, kunnen financieel onze eigen broek ophouden,’ zegt Melvin. ‘Steeds meer mensen, bedrijven en organisaties weten ons te vinden. Aan iedereen voor wie we een klusje uitvoeren, vraag ik om ons te promoten bij vrienden, familie en bekenden. We zitten tjokvol, moeten klussen inmiddels een maand vooruitplannen. En het leuke is: het geld dat we verdienen, zien de cliënten terug. In de vorm van nieuwe kleding, een etentje of een uitje. Dat enthousiasmeert hen extra.’

Sterkste man van Puttershoek

En als de motivatie even iets minder is, dan is daar altijd de humor van Melvin. Dan moedigt hij bijvoorbeeld een uit de kluiten gewassen cliënt aan om een enorme boom uit de grond te trekken. “Jij bent de sterkste man van Puttershoek!”, zegt hij dan. ‘Dan zie je hem gewoon groeien. Al is het een eik met een doorsnede van vijf meter, hij probeert ‘m uit de grond te trekken. Met humor kun je veel bereiken. Maar ik heb ook gewoon zin om te zorgen. Elke dag weer. Ik kom met een lach op mijn gezicht binnen. Daar hoef ik geen moeite voor doen.’

Geen kralen rijgen

Maar Melvin is meer dan alleen die vrolijke grappenmaker. Hij weet maar al te goed waar de cliënten behoefte aan hebben. ‘Structuur en regelmaat is wat ze nodig hebben. En deze groep cliënten heeft ook fysieke inspanning nodig. Dan komen ze aan het einde van de dag moe en voldaan op hun woongroep. Als je hen de hele dag kralen laat rijgen, kunnen ze hun energie niet kwijt. Dat komt er dan ’s avonds uit op de groep, en niet altijd in de leukste vorm. Behoeften zijn ook anders dan wensen. Regelmatig zegt een cliënt tegen mij: ik wil bevallingen begeleiden in het ziekenhuis, dat vind ik leuker. Maar dat is natuurlijk niet realistisch. De behoefte staat boven de wens. Maar daar moet je het wel goed over hebben met elkaar.’

Op het lijf geschreven

De dagbesteding is Melvin naar eigen zeggen op zijn lijf geschreven. ‘Al vanaf mijn vijftiende werk ik in de zorg. Ik heb alle takken van sport wel beoefend. Van het verschonen van luiers van bejaarde cliënten tot het werken met autistische mensen van hoog niveau. Ik heb in de jeugdzorg gezeten en in de ggz, waar ik werkte met mensen met psychiatrische problemen en drugsverslaving. Hiervoor werkte ik op de woongroep van deze locatie van Profila. Maar het dagelijks actief bezig zijn, activiteiten verzinnen en ondernemen met cliënten, dat past echt perfect bij me. Bij Zeno krijg ik alle ruimte en vrijheid om me hierin verder te ontwikkelen. Dat waardeer ik enorm.’

lees verder

Zorgroute 2022: leerlingen maken kennis met de zorg

Op 18 mei 2022 kreeg Zeno bezoek van maar liefst 27 leerlingen van groep 7A van de Prins Willem-Alexanderschool in Sliedrecht. Het bezoek was een onderdeel van de Zorgroute, georganiseerd door de Gemeente Sliedrecht. Wat is de Zorgroute? De gemeente Sliedrecht vindt een goede aansluiting tussen de arbeidsmarkt en het onderwijs belangrijk. Daarom wordt jaarlijks […]

Op 18 mei 2022 kreeg Zeno bezoek van maar liefst 27 leerlingen van groep 7A van de Prins Willem-Alexanderschool in Sliedrecht. Het bezoek was een onderdeel van de Zorgroute, georganiseerd door de Gemeente Sliedrecht.

Activiteit 1: Leerlingen vertalen handgebaren met behulp van het Nederlandse handalfabet tijdens de Zorgroute.

Wat is de Zorgroute?

De gemeente Sliedrecht vindt een goede aansluiting tussen de arbeidsmarkt en het onderwijs belangrijk. Daarom wordt jaarlijks de Zorgroute georganiseerd in samenwerking met zorg gerelateerde bedrijven en instellingen. Het doel hiervan is om de kinderen kennis te laten maken met een toekomst in de zorg (Sliedrecht, 2022). 

Activiteit 2: Leerlingen ervaren hoe het is om slechtziend te zijn tijdens de Zorgroute.

De activiteiten

De dag begon met een welkom door Jorn van Drimmelen (teammanager), Amber Michielse (backoffice-medewerker) en Lucas van Wingerden (directeur). Vervolgens mochten de leerlingen meteen aan de slag! Tijdens de eerste activiteit hebben zij ervaren hoe het is om een auditieve beperking te hebben en door middel van gebarentaal te communiceren met elkaar. Een behoorlijke uitdaging die de leerlingen met veel plezier aan gingen.


De leerlingen hebben daarnaast ook ervaren hoe het is om slechtziend te zijn en hoe ze een persoon met deze beperking kunnen begeleiden. Op deze manier werd op educatieve wijze kennisgemaakt met het werk als begeleider en hoe belangrijk deze functies zijn voor mensen die hiervan afhankelijk zijn.

Tafelpraat: wat vind jij belangrijk in de zorg?

Als er iemand voor jou gaat zorgen, wat vind jij dan belangrijk in de zorg die je krijgt? Deze vraag werd aan de leerlingen gesteld tijdens de tafelpraat. De kernwoorden die terugkwamen waren:

  • Iemand die ik kan vertrouwen
  • Leuke dingen doen
  • Iemand aardig vinden
  • Vrij laten om zelfredzaam te zijn en blijven
  • Samen doen

Wij kijken terug op een geslaagde ochtend en zijn content om hieraan een bijdrage te hebben kunnen leveren. Uiteraard hopen we hiermee de talenten van morgen enthousiast te hebben gemaakt voor een baan in de (gehandicapten)zorg!

lees verder

Zinmakers: Vera wordt elke dag weer een stukje creatiever

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze week is zelfstandig zorgprofessional Vera Fernandes aan de beurt. Triple C. Vera Fernandes zweert bij de behandelmethodiek, waarop de visie van Zeno is gebaseerd.  Sterker nog, een van de belangrijkste reden om voor opdrachten via Zeno te kiezen is wanneer […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze week is zelfstandig zorgprofessional Vera Fernandes aan de beurt.

Zinmaker Vera Fernandes

Triple C. Vera Fernandes zweert bij de behandelmethodiek, waarop de visie van Zeno is gebaseerd.  Sterker nog, een van de belangrijkste reden om voor opdrachten via Zeno te kiezen is wanneer er op basis van deze methode gewerkt wordt. De basisprincipes kan Vera dromen. Niet het probleemgedrag, maar de menselijke behoefte als uitgangspunt nemen. Cliënten het gewone leven laten ervaren, een veilige plek bieden, een betekenisvolle invulling van de dag geven. ‘Daar hoef ik nooit over na te denken. Dat zit er ingebakken,’ vertelt de 42-jarige Rotterdamse.

Elke situatie is weer anders

De manier waarop Triple C in haar manier van werken terugkomt, is elke keer anders. ‘Het is vooral een goede basis om op terug te vallen,’ zegt ze. ‘Maar je moet elke keer weer creatief zijn. Want elke cliënt en elke situatie is weer anders.’ In de heat of the moment denkt ze niet te veel na. Dan handelt ze, op een manier waarvan ze denkt dat goed of nodig is. Is de situatie onder controle, dan gaat ze nadenken. Reflecteren. ‘Ik praat over de situatie met collega’s. Wat hebben we goed gedaan, wat hadden we anders kunnen doen?’ Zo leert ze elke dag weer iets bij. Allemaal voor dat ene doel: cliënten zo goed mogelijk helpen.

Altijd al behulpzaam

Dat Vera de zorg in zou gaan, was al snel duidelijk. ‘Volgens mijn moeder was ik als klein meisje al heel behulpzaam en wilde ik voor mensen zorgen.’ Het werd aanvankelijk de ouderenzorg, na een studie sociaalpsychiatrische verpleegkunde (SPV). Vera kwam thuis bij ouderen. Om met hen te praten, gezelschap te houden. Maar na een tijdje wilde ze verder. ‘De dagen begonnen steeds meer op elkaar te lijken. Het was leuk en gezellig hoor. Maar ik wilde nog meer zin aan mijn werk geven.’

Stappen maken

Via een vriend belandde Vera dertien jaar geleden in de intensieve zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking. ‘Hen kon ik echt vooruit helpen, dat merkte ik direct. Waar het bij de ouderen vooral belangrijk was om er te zijn, kon ik met deze doelgroep echte stappen maken. Onderzoeken waar hun behoefte zit, samen gericht aan een doel werken. Dat sprak me direct aan. Daarnaast was het lekker actief. Ik ging met die jongens naar de dagbesteding, we maakten uitstapjes. Dit werk bleek zoveel afwisselender dan de ouderenzorg. Het was precies wat ik zocht.’

Van vijand naar beste vriendin

Een van Vera’s mooiste successen? Dat is het resultaat dat ze behaalde met haar huidige cliënt, een man van middelbare leeftijd met een licht verstandelijke beperking. ‘Hij zit tussen oudere mensen, in een bejaardenhuis, en kreeg daar niet wat hij nodig had. Toen ik binnenkwam, moest hij niks van me hebben. Ik was al de zoveelste die hem beterschap beloofde. Met heel veel geduld heb ik zijn vertrouwen gewonnen. We gaan schilderen, handwerken, wandelen, fietsen. Hij kan zich nu beter uiten en zit zichtbaar lekkerder in zijn vel. Hij noemt me zelfs zijn beste vriendin. Als ik een paar dagen vrij ben geweest, heeft hij me gemist.’

Buikpijn door afscheid

Professionele afstand tussen cliënt en begeleider moet er zijn, vindt Vera. Maar ze zoekt wel de grenzen op. ‘Ik wil vooral die lach op zijn gezicht zien. Dat maakt het voor hem leuker, maar ook voor mij. Binnenkort komt er een einde aan onze samenwerking, omdat hij gaat verhuizen naar een betere plek. Hij weet dat, maar wil er weinig over spreken. Ook ik vind het moeilijk om los te laten, ik heb er pijn in mijn buik van. Dat ik dát voel, zegt voor mij alles; dáárin zit voor mij de zin om te zorgen. Als ik niks zou voelen bij die verhuizing, dan zou dit vak voor mij geen zin hebben.’

lees verder

Zinmakers: Nick blijft altijd kalm, soms tot zijn eigen verbazing

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Nick Havelaar (33). Zijn moeder zei het altijd al: “Nick, jij moet de zorg in!” Ze zag het als hij meeging naar haar werk in het speciaal onderwijs. Ze zag het als hij speelde met de […]

"Intensieve zorg is zó puur: what you see is what you get"

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Nick Havelaar (33).

Zijn moeder zei het altijd al: “Nick, jij moet de zorg in!” Ze zag het als hij meeging naar haar werk in het speciaal onderwijs. Ze zag het als hij speelde met de zoon van haar vriendin, een jongen met het Downsyndroom. Maar ze zag het ook toen haar man, Nicks vader, ziek werd. En hoe zorgzaam hij voor hem was – al op jonge leeftijd. Maar Nick vond de zorg niet stoer. Bovendien was de vakschool naast de deur. Liever deed hij de metaalopleiding met z’n vrienden.

Keuze met het hart

Tien jaar later vond Nick zichzelf toch terug in de zorg. Eerst nog indirect. Als salesmedewerker van een leverancier van machines kwam hij regelmatig op een dagbestedingslocatie van een zorginstelling. De begeleiders zeiden: “Nick, jij gaat zo leuk met die cliënten om. Wil je niet bij ons komen werken?” Dit keer luisterde Nick wél. Hij maakte de carrièreswitch. Met zijn hoofd, maar vooral met zijn hart. ‘Ik moest financieel behoorlijk inleveren,’ vertelt Nick. ‘Maar ik dacht aan wat mijn moeder ooit had gezegd én aan wat ik zelf voelde. Toen kon ik maar één keuze maken. Hij laat even een stilte vallen. Dan zegt hij: ‘Had ik de stap naar de zorg maar eerder gemaakt. Dit werk is zó puur. De cliënten schuiven niks onder stoelen of banken. What you see is what you get.

Schade, geen schande

Inmiddels werkt Nick acht jaar in de zorg. Voornamelijk als persoonlijk- of groepsbegeleider van ernstig meervoudig beperkte cliënten met hechtingsproblematiek en autisme. Door schade en schande werd hij wijs. De schade was letterlijk: blauwe plekken, schrammen en gescheurde shirts. De schande liet hij Nick nooit toe. ‘Ik ben nooit bezig geweest met hoe ik er uitzag na een fixatie. Ik bleef het werk geweldig vinden. Ik dacht vooral: hoe ik kan leren wat mijn collega’s al wél kunnen?’

IJzig kalm

Inmiddels weet Nick wat hij moet doen als een cliënt een willekeurige voorbijganger vastpakt en niet meer wil loslaten. Wanneer een cliënt in de supermarkt op de grond gaat liggen krijsen omdat ze iets niet krijgt. Of als een cliënt tijdens de dagbesteding een kast uit zijn handen laat vallen om een toevallig voorbijfietsende vrouw een duw te geven. ‘In het begin schoot mijn hartslag dan omhoog. Tegenwoordig blijf ik ontzettend kalm. Soms schrik ik er zelf van, dat ik zó rustig blijf. Ik overzie de situatie en ben in staat om goede oplossingen aan te dragen voor de cliënt.’

Ervaring en karakter

Die oplossing komt vrijwel altijd op hetzelfde neer. ‘Nabijheid en veiligheid bieden. Want dát is wat cliënten op dat moment missen. Daarbij wil je de zorgvuldig opgebouwde vertrouwensband niet beschadigen. Maar je moet wél doen wat nodig is.’ Waarom hem dat lukt? ‘Een deel is ervaring; je moet een aantal keer in die situatie zijn geweest. Een ander deel is karakter. Je moet tegen dit werk kunnen. Het is een van de meest exclusieve en ingewikkelde vormen van zorg in Nederland. Dat moet je interessant vinden. Veel cliënten met wie ik werk hebben het ontwikkelingsniveau van een kind van anderhalf. Maar wel met het lichaam van een volwassene, inclusief hormonen en prikkels.’

Negatieve patronen doorbreken

‘Daarnaast speelt vaak hechtingsproblematiek, omdat ze in diverse woongroepen hebben gezeten en daar niet konden aarden. Dat vraagt een specifieke aanpak,’ vervolgt Nick. ‘Je moet de negatieve patronen die er zijn ingeslepen doorbreken. En proberen zoveel structuur en invulling aan een dag te geven, dat er zo min mogelijk ruimte is voor negatieve uitspattingen. Dat vergt heel veel tijd en geduld, want ik word niet voor niks ingevlogen. Soms durven begeleiders van de zorginstelling niet eens meer naar hun werk te komen.’

Praktijkervaring in leiding Zeno

De ondersteuning vanuit Zeno helpt Nick in zijn dagelijkse werk. ‘Het is fijn dat Zeno wordt gerund door mensen die zelf begeleider zijn geweest. Zij weten waar ze over praten. Dat je niet van tevoren kunt zeggen: in drie of zes maanden is dit opgelost. Het eindresultaat staat altijd voorop. Bij Zeno kijken we op een andere manier naar zorg. Bij veel zorginstellingen komen ze niet eens in lastige situaties, omdat ze simpelweg niet naar buiten gaan met zo’n cliënt. Wij doen dat juist wel. Daardoor kun je cliënten een menswaardig bestaan bieden. Uiteindelijk is er voor iedereen – op welk niveau dan ook – een zin van het leven. Als je hen die zin kunt bieden… Ja, dat is het mooiste dat er is. En ja, dat past perfect bij me. Dat had mijn moeder toch goed gezien.’

lees verder

Zinmakers: Luciano doet wat nodig is, ook op openbare plekken

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie staat zelfstandig zorgprofessional Luciano van Harlingen (31) centraal. Luciano van Harlingen moest eens een vrouwelijke cliënt fixeren midden in de Ikea. Dat was noodzakelijk om haar onder controle te krijgen, nadat ze vanuit het niets een winkelschap volledig […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie staat zelfstandig zorgprofessional Luciano van Harlingen (31) centraal.

Luciano van Harlingen moest eens een vrouwelijke cliënt fixeren midden in de Ikea. Dat was noodzakelijk om haar onder controle te krijgen, nadat ze vanuit het niets een winkelschap volledig leeg trok en daarna mijn collega aanviel. Later dacht hij: hoe zou dit er voor andere mensen hebben uitgezien? ‘Als ik zelf een donkere gozer van 1 meter 90 op een meisje zou zien liggen, dat ook nog eens schreeuwt dat ze dat niet wil… Ja, dan zou ik ook denken: wat is daar aan de hand? En moet ik niet ingrijpen?’, zegt Luciano met een grote glimlach.

Doen wat nodig is

Soms haalden mensen de politie erbij. Kon Luciano weer uitleggen wat zijn relatie was tot de cliënt. Dan kwam het natuurlijk altijd goed. En weet je wat het is, zegt hij, op het moment zelf denk je niet na over wat anderen ervan zouden kunnen vinden. ‘Als er iets gebeurt, doe je altijd wat nodig is. Voor de veiligheid van de cliënt, maar ook die van jezelf en die van andere mensen. Maar natuurlijk, het is lastig als er iets op een openbare plek gebeurt. Er wordt toch naar je gekeken.’

Geen Excel, maar voetballen

Wie Luciano vijftien jaar geleden had verteld dat hij dit werk zou gaan doen, had hij voor gek versleten. Gymleraar ging hij worden. Zelf is hij een verdienstelijk amateurvoetballer bij vv Sliedrecht, al stopt hij na dit seizoen. Tijdens de opleiding bleek Luciano vooral het sporten zelf leuk te vinden, en het lesgeven minder. Elk uur 25 nieuwe kinderen die kwamen uitrazen, was te veel van het goede. Toen hij een bijbaan kreeg bij ASVZ, bleek hij wél met jongeren met een licht verstandelijke beperking om te kunnen gaan. Uiteindelijk won dat het van de studies marketing & communicatie en bedrijfseconomie die hij later nog volgde. ‘Als ik tijdens mijn stage Excel-lijsten zat in te voeren, dacht ik: ik zou nu liever met die cliënten op pad zijn. Voetballen, fietsen, naar de bios. Dat vond ik leuker.’

Zeno-filosofie

En dus besloot Luciano om definitief de zorg in te gaan. Sinds drieënhalf jaar doet hij dat (deels) als zzp’er bij Zeno. ‘De filosofie van Zeno sluit aan bij hoe ik altijd gewerkt heb. De opdrachten zijn divers en voor overleg kan ik altijd terecht. Of dit nu praktisch is of zorginhoudelijk. Wat Zeno kenmerkt, is dat er altijd wordt gekeken wat er wél kan bij cliënten. Dat is lang niet overal het geval in de zorg.’

We proberen het gewoon wéér

Neem bijvoorbeeld zijn huidige opdracht. Hier ondersteunt hij bij een 2-op-1 begeleiding van een cliënt, aan wie de bestaande begeleiders hun handen (te) vol hadden. ‘Toen we eens op de markt vis gingen halen en het hem te lang duurde, haalde hij zijn geslachtsdeel uit zijn broek en begon te schreeuwen. Op z’n zachtst gezegd geen geslaagd uitje. Maar de visie van Zeno – en die van mij – is: we gaan het volgende week gewoon weer proberen. Om de wereld van de cliënt te vergroten, moeten we op zoek gaan naar die succeservaring. Terwijl vaak de eerste reactie is: “Nou, laten we deze week maar niet gaan.” Dan val je terug in de oude situatie, waarin hij nooit het terrein afkwam.’

Geduldig en vasthoudend

Zo lukte het ook om met de betreffende cliënt naar diens moeder te gaan; anderhalf uur heen en anderhalf uur terug. ‘Ook zijn we een dagje naar de dierentuin geweest. En we zijn met hem uit eten geweest in het dorp. Het is mooi om in overleg met de opdrachtgever en de moeder van de cliënt die vrijheid te krijgen. Dat maakt mijn werk leuker. Maar belangrijker nog: het is beter voor de cliënt, die zich daardoor meer onderdeel voelt van de maatschappij. Bij Zeno geloven we dat een cliënt uiteindelijk altijd stappen maakt. Je moet alleen geduldig en vasthoudend zijn.’

lees verder

Zin om te leren? Met het STAP-budget kan ’t!

Op 1 maart 2022 is de subsidieregeling STAP-budget in werking getreden. Binnen een paar dagen was de eerste ronde al vol. Maar we hebben goed nieuws: op 1 mei 2022 start de tweede inschrijfronde. Voor jou als ondernemer betekent dit dat je wellicht een extra mogelijkheid hebt om een tegemoetkoming in je scholingskosten te ontvangen. […]

Op 1 maart 2022 is de subsidieregeling STAP-budget in werking getreden. Binnen een paar dagen was de eerste ronde al vol. Maar we hebben goed nieuws: op 1 mei 2022 start de tweede inschrijfronde. Voor jou als ondernemer betekent dit dat je wellicht een extra mogelijkheid hebt om een tegemoetkoming in je scholingskosten te ontvangen. In dit artikel gaan we in op de samenhang tussen de regeling en het fiscaal ondernemersvoordeel.

STAP-budget

Het STAP-budget is een subsidieregeling voor scholing en ontwikkeling en is beschikbaar voor alle werkenden en werkzoekenden. Dus ook ondernemers kunnen gebruik maken van deze regeling mits voldaan aan de voorwaarden. STAP staat voor STimulering Arbeidsmarkt Positie en is onderdeel van het overheidsinitiatief ‘een leven lang ontwikkelen’.

Vanuit de STAP-regeling komt jaarlijks subsidie beschikbaar voor scholing. Iedereen die een relatie heeft tot de Nederlandse arbeidsmarkt (medewerkers in loondienst, werkzoekenden én ondernemers) kan de subsidie aanvragen om zich via scholing verder te ontwikkelen. De subsidie wordt een STAP-budget genoemd.

Voorwaarden STAP-budget

Om aanspraak te kunnen maken op het STAP-budget moet je aan een aantal voorwaarden voldoen.

Zoals eerder in dit artikel vermeld, moet de aanvrager een band hebben met de Nederlandse arbeidsmarkt. Dit is het geval wanneer de aanvrager tenminste 18 jaar maar jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd is én recent zeker zes maanden verzekerd is geweest voor de volksverzekeringen. Het STAP-budget is niet bedoeld als dubbele financiering van scholingskosten. Wanneer je bijvoorbeeld recht hebt op studiefinanciering, kun je niet ook gebruik maken deze regeling.

Bedrag STAP-budget

Het STAP-budget dat wordt uitgekeerd is maximaal € 1.000,- inclusief BTW per jaar en nooit hoger dan het bedrag dat de scholingsactiviteit daadwerkelijk kost.

Wanneer jouw scholingsactiviteit € 500,- kost en je hebt recht op het STAP-budget dan wordt dus € 500,- betaald. Kost jouw scholingsactiviteit meer dan € 1.000,- dan wordt € 1.000,- uit deze regeling betaald en draag je de kosten boven dit bedrag zelf.

Een subsidie uit het STAP-budget ontvang je eenmaal per jaar ongeacht de hoogte van de subsidie. Kost jouw scholingsactiviteit bijvoorbeeld € 750,- dan kun je niet op een later moment in hetzelfde jaar aanspraak maken op de resterende € 250,-.

Beperkte budgetten

De overheid stelt een beperkt aantal budgetten beschikbaar die ieder jaar per tijdvak van twee maanden beschikbaar worden gesteld. Wanneer het budget voor een tijdvak op is, kun je in het nieuwe tijdvak jouw aanvraag voor het STAP-budget (opnieuw) indienen. Het budget van het huidige tijdvak (1 maart t/m 30 april 2022) is inmiddels op. De volgende periodes starten op 1 mei 2022, 1 juli 2022, 1 september 2022 en op 1 november 2022.

Dien jouw aanvraag op of zo snel mogelijk na de ingangsdatum van het (nieuwe) tijdvak in om er zeker van te zijn dat je subsidie ontvangt.

Welke kosten vallen onder de STAP-regeling?

Naast het les-, cursus, college- of examengeld kan het zijn dat je kosten maakt voor lesmateriaal. Alleen wanneer de opleider het lesmateriaal verplicht stelt en de kosten hiervan doorberekent aan jou, vallen ook deze kosten onder de regeling.

Welke opleidingen vallen onder de STAP-regeling?

In de STAP-regeling is vastgelegd dat uitsluitend opleiders uit het scholingsregister onder de regeling vallen. Vooralsnog zijn dit een beperkt aantal opleiders die een van de op dit moment goedgekeurde keurmerken voeren. Je vindt de keurmerken via deze link.

Het scholingsregister kent momenteel helaas een beperkte zoekfunctie. Later dit jaar wordt het Nationaal Platform Leren en Ontwikkelen gelanceerd waarin o.a. deze functionaliteit wordt verbeterd.

Samenloop regeling en fiscaal voordeel

Iedereen die een relatie heeft met de Nederlandse arbeidsmarkt kan gebruikmaken van de STAP-regeling. De regeling geldt dus voor zowel werkenden, werkzoekenden als ondernemers.

Ondernemers hebben naast de STAP-regeling ook de mogelijkheid om scholingskosten als bedrijfskosten op te voeren. Het gaat hier om kosten die je maakt voor je huidige beroep of bedrijfsvoering (niet om scholingskosten voor een nieuw beroep of een nieuwe functie). Kort gezegd, houdt het in dat je de gemaakte kosten voor in dit geval scholing, in mindering brengt op jouw omzet. Inkomstenbelasting betaal je vervolgens over dit lagere bedrag.

Ben je van plan een scholingsactiviteit te starten, ga dan eerst na of er binnen het STAP-budget mogelijkheden zijn om hiervoor een vergoeding te krijgen. Kun je geen gebruik maken van de STAP-regeling dan voer je de scholingskosten voor jouw huidige beroep of bedrijfsvoering op als bedrijfskosten.
Heb je recht op een vergoeding uit het STAP-budget maar kost jouw scholingsactiviteit meer dan € 1.000,-? Dan voer je de kosten boven die € 1.000,- op als bedrijfskosten voor je huidige beroep of bedrijfsvoering.

Aanvragen STAP-budget

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) maakte een stappenplan voor het aanvragen van een STAP-budget. We lichten de stappen hier kort toe.

1. Je start met een aanmelding voor de scholingsactiviteit die is opgenomen in het scholingsregister via stapuwv.nl.
2. De opleider stuurt jou een digitaal STAP-aanmeldbewijs.
3. In het STAP-portaal vraag je jouw STAP-budget aan (hiervoor heb je het STAP-aanmeldbewijs nodig).
4. Na goedkeuring door het UWV* betalen ze het STAP-budget uit aan de opleider.
5. Start scholingsactiviteit (binnen drie maanden na afloop van de activiteit controleert het UWV of de scholing is afgerond en of aan alle voorwaarden is voldaan).

*het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) voert de subsidieregeling uit

Let op: tussen het aanvragen en starten van de opleiding moet in ieder geval vier weken en mag maximaal drie maanden (na afloop aanvraagtijdvak) zitten.

Meer informatie

Meer informatie vind je via de site van SoloPartners.

lees verder