Zinvol nieuws

interviews, publicaties en nieuws over Zeno’s projecten

Direct hulp nodig? Bel: +31 184 63 67 12

Zinmakers: Chahid coacht eerst op de woongroep en daarna op het voetbalveld

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Ditmaal: zelfstandig zorgprofessional Chahid Chaibi (32). Wees niet bang dat Chahid Chaibi zijn werk mee naar huis neemt. De dagen van de 32-jarige Papendrechter zijn vaak zó goed gevuld, dat hij soms alleen thuis is om te slapen. Overdag werkt hij […]

Zinmaker Chahid Chaibi

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Ditmaal: zelfstandig zorgprofessional Chahid Chaibi (32).

Wees niet bang dat Chahid Chaibi zijn werk mee naar huis neemt. De dagen van de 32-jarige Papendrechter zijn vaak zó goed gevuld, dat hij soms alleen thuis is om te slapen. Overdag werkt hij als zelfstandig zorgprofessional voor Zeno. Daarna rijdt hij drie tot vier keer per week naar het trainingscomplex van betaald voetbalclub Sparta Rotterdam. Daar is hij assistent-trainer van de teams Onder 12 en Onder 14. En dan heeft hij ook nog zijn eigen voetbalschool in Papendrecht. Gisteren, vertelt hij, werkte hij van zeven uur ’s ochtends tot half tien ’s avonds. Daarna ging hij nog even twee uur ‘knallen’ in de sportschool. Maar niet voordat hij koffie had gedronken bij zijn ouders, bij wie hij elke dag langs gaat.

Stilzitten

Het is duidelijk: Chahid kan niet stilzitten. Figuurlijk, maar ook letterlijk. Dat bleek tijdens zijn eerste (en enige) kantoorbaan. ‘Ik liep alleen maar rondjes door het kantoor,’ vertelt hij lachend. ‘Mensen dachten: waarom zit die gozer niet achter z’n computer? Simpel: ik kon het gewoon niet.’ Chahid moet dingen doen. En dan het liefst met mensen. Zo kwam hij in de zorg terecht. Hij was een tijd jongerencoach in Papendrecht. ‘Ik hielp jongeren die uit detentie kwamen terug de maatschappij in. En probeerde ook te voorkomen dat jongeren ín de gevangenis kwamen.’

Zoeken naar een oplossing

Het was leuk, maar toch, de gehandicaptenzorg trok hem nóg meer. Waar ‘m dat in zit? ‘Vooral in de diversiteit. Zeker sinds ik voor Zeno werk, heb ik met zoveel verschillende doelgroepen en situaties te maken. Ik reed de afgelopen jaren het hele land door om voor Zeno bij verschillende zorginstellingen te werken.’ Maar het zit ‘m ook in de complexiteit. ‘Soms is de problematiek van een cliënt zó ingewikkeld, dat je goed moet zoeken naar de beste oplossing. Ik vind het fantastisch om samen met collega’s en de orthopedagoog een goede aanpak te bedenken. Als die aanpak dan aanslaat, ja, daar kan ik dan echt enorm van genieten. Dat zijn de mooie succesmomenten.’

Voetbal en zorg

Diep van binnen juicht Chahid dan net zo hard als bij een doelpunt van de Sparta-talenten die hij coacht. De combinatie tussen zorg en voetbal bevalt. ‘Ik vind het leuk om die gasten op voetbalinhoudelijk vlak te coachen, maar ook om pedagogisch met hen aan de slag te zijn. Daar ligt ook mijn kracht. Vanuit mijn achtergrond in de zorg weet ik dat niet elk kind hetzelfde is, zoals ook niet elke cliënt hetzelfde is. Daarnaast kijk ik altijd naar de mens achter de cliënt of het voetbaltalent. Het gedrag is slechts het topje van de ijsberg. Ik probeer vooral te kijken waar het gedrag vandaan komt. Of je nu bezig bent met een kind of een cliënt; het draait om ontwikkeling, opvoeding en coaching. Ik gebruik in mijn werk in de zorg inzichten die ik bij het voetbal heb opgedaan. Maar zeker ook andersom. De afwisseling maakt het leuk voor mij.’

Vriendschappelijk, geen vriendschap

Chahid is momenteel op twee woongroepen meewerkend teamleider. Ook begeleidt hij een autistische jongen via Zeno aan Huis. In alle gevallen bewaart hij afstand tot de cliënten. ‘Je kunt vriendschappelijk met hen omgaan, maar je moet geen vrienden wórden. Je moet cliënten te allen tijde kunnen aanspreken op hun gedrag. Regelmatig zie ik dat begeleiders dat niet doen, omdat ze bang zijn dat hun band met de cliënt dan verstoord zou worden. Maar je bouwt júist een band op met de cliënt als hij weet wat hij aan je heeft. Hetzelfde geldt in het voetbal. Daar moet ik ook een speler durven wisselen als hij slecht speelt.’

Teamwork

Toch geniet ook Chahid als cliënten naar hem toe komen. Als ze zeggen: bedankt dat je in mijn leven bent. Of: bedankt dat je me helpt. ‘Dat zijn de kleine succesmomentjes waar je het voor doet. Natuurlijk doet dat iets met me,’ geeft Chahid toe. Daarom zal hij ook altijd met mensen blijven werken. ‘Soms zegt een cliënt: zonder jou was het niet gelukt. Maar dan zeg ik altijd: nee, we hebben het samen gedaan. Samen zijn we honderd. Daarom lukt het ons. Ook dát is inzicht dat ik meeneem naar het voetbalveld. Je moet het samen doen in het leven. Teamwork, dáármee kom je het verst.’

lees verder

Teambuildingdagen Zeno

Onlangs zijn de medewerkers van Zeno op teambuilding geweest. Onder leiding van coach Inge Zuidgeest werden diverse opdrachten gedaan die in teamverband uitgevoerd moesten worden. Inmiddels is het team flink gegroeid met verschillende disciplines en vindt Zeno het van belang om met het team te bouwen aan een optimale dienstverlening. De dagen werden afgesloten met […]

Team Zeno

Onlangs zijn de medewerkers van Zeno op teambuilding geweest. Onder leiding van coach Inge Zuidgeest werden diverse opdrachten gedaan die in teamverband uitgevoerd moesten worden. Inmiddels is het team flink gegroeid met verschillende disciplines en vindt Zeno het van belang om met het team te bouwen aan een optimale dienstverlening. De dagen werden afgesloten met een gezamenlijk kookworkshop en een sessie welke interessante inzichten hebben gegeven over onze dienstverlening waar we als dienstgerichte organisatie mee aan de slag kunnen.

lees verder

Zinmakers: intens geluk van cliënten bezorgt Harold nog altijd kippenvel 

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Harold Heijdeman (40). De zorg? Nee joh, dat was meer iets voor zijn zus. Zij kon daar haar ei helemaal in kwijt. Harold ging lekker iets anders doen. Bouwkunde studeren, en daarna handel. Het verdiende best […]

Zinmaker Harold Heijdeman

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Harold Heijdeman (40).

De zorg? Nee joh, dat was meer iets voor zijn zus. Zij kon daar haar ei helemaal in kwijt. Harold ging lekker iets anders doen. Bouwkunde studeren, en daarna handel. Het verdiende best lekker. Maar dat kantoorleven, tja, Harold zegt maar gewoon hoe het zat: hij vond het ontzettend saai. En toen vroeg zijn zus hem om eens mee te gaan naar watersporteiland Robinson Crusoe in de Loosdrechtse Plassen. Daar werden allerlei activiteiten georganiseerd voor mensen met een lichamelijke of geestelijke beperking. Watersport, dat is helemaal jouw ding, zei ze. En je zal zien, als je eenmaal met die mensen hebt gewerkt, dan ben je verkocht.

Intens geluk

Dat is precies wat er gebeurde. Harold ging een weekend mee. Lekker zeilen op de plassen. Een blind iemand vertelde hij tot in detail hoe de omgeving eruit zag. Een persoon zonder benen liet hij zwemmen. Jongeren met gedragsproblemen enthousiasmeerde hij om mee te helpen met het hijsen van de zeilen. Tussendoor vertelde hij, liet hij anderen vertellen en maakte hij grappen. En telkens zag hij hetzelfde gebeuren. ‘Ik zag ze lachen,’ zegt Harold. ‘Nee, sterker nog: ik zag intens geluk. Daar kreeg ik letterlijk kippenvel van. Na mijn eerste weekend wist ik: ik moet de zorg in.’

Schateren in het water

Zestien jaar later kan hij zich geen leven zonder de zorg meer voorstellen. Op zijn LinkedIn-profiel blijft zijn werkervaring buiten de zorg zelfs onvermeld. Niet relevant meer. ‘Ik wil nooit meer iets anders, honderd procent zeker,’ vertelt Harold. Want dat kippenvel dat hij zestien jaar geleden had, heeft hij nog steeds. Neem die spastische cliënt met niet-aangeboren hersenletsel (NAH). ‘Die man wilde van alles, maar daar was binnen zijn groep geen ruimte voor. Hij lag in bed of zat in zijn stoel. Samen met een collega hebben wij hem in een speciale bus meegenomen naar een meer. We namen hem gewoon mee het water in, uiteraard met de nodige voorzorgsmaatregelen. Die man lag te schateren in het water, hij vond het prachtig. Daar doe je het voor.’

Zelfmoord

Tot zijn spijt kent Harold ook de keerzijde van het vak. Even is hij stil, dan vertelt hij over een jonge cliënt die hij meemaakte tijdens de drie jaar dat hij in de gesloten jeugdzorg werkte. ‘Die jongen was in zijn jeugd seksueel misbruikt. Hij was suïcidaal en zwaar autistisch. Een risicogeval, niet voor niets zat hij in de gesloten jeugdzorg. Ik nam hem op sleeptouw en dacht dat we stap voor stap vooruit gingen. Maar uiteindelijk slaagde hij er toch in om zelfmoord te plegen. Dat was ontzettend heftig voor mij. Ook omdat ik iemand ben die zich tot op zekere hoogte emotioneel bindt aan cliënten. Mede daarom heb ik ervoor gekozen om zzp’er te worden. Ook nu ga ik een emotionele maar professionele band aan, maar vaak voor een bepaalde periode. En toch iets afstandelijker. Dat is beter voor iedereen.’

Feeling met gedragsproblematiek

Harold is blij met de diversiteit aan opdrachten. Sinds hij vier jaar geleden zzp’er werd, werkte hij met allerlei doelgroepen. Asielzoekers, zwervers, verslaafden, jongeren, ouderen, cliënten met NAH, somt hij op. De meeste feeling heeft hij met jongeren met moeilijk verstaanbaar gedrag. Hij kan zich in hen verplaatsen. ‘Ik kan me goed indenken hoe het voor jongeren is om binnen zo’n woongroep op te groeien. Je weet niet wie je steunen, wie je kan vertrouwen. Daarom probeer ik altijd betrouwbaar te zijn, stabiliteit en veiligheid te bieden.’

Brams succesverhaal

Bijvoorbeeld aan Bram, de jongen van 13 die totaal was vastgelopen in het gezin. Harold was een van de begeleiders die vanuit Zeno aan Huis ambulante begeleiding bood. En stap voor stap het dagelijkse ritme van Bram herstelde. ‘Vanaf het begin ben ik bij Bram betrokken. In het begin was hij bang voor elk geluid en wilde hij niets, nu heeft hij enorm veel zelfvertrouwen en doen we van alles. We doen we allerlei tuinprojecten met hem en zijn hele natuurgebieden aan het snoeien. Echt een succesverhaal.’ De video die vanuit Zeno werd gemaakt over Bram geeft hier een mooi beeld van.

Goede vibe bij Zeno

Harold doet vrijwel alleen maar opdrachten voor Zeno. ‘Waar de meeste bemiddelingsbureaus soms wat formeel en afstandelijk zijn, is Zeno juist heel laagdrempelig en persoonlijk. De vibe is gewoon goed; of je nu het kantoor binnenloopt, met andere Zeno-professionals werkt of iemand aan de telefoon hebt. Dat komt ook door de praktijkervaring van oprichters Lucas en Harry. Bij Zeno weten ze echt naar welke case ze iemand toesturen. Daardoor doe ik alleen maar opdrachten die ik leuk vind en die bij me passen.’ Kippenvel gegarandeerd.

lees verder

Het belang van een modelovereenkomst

Het voorkomen van schijnzelfstandigheid komt steeds vaker ter sprake. Misschien heb je zelfs al een waarschuwing gekregen van de Belastingdienst. Een modelovereenkomst draagt bij aan het voorkomen van schijnzelfstandigheid. Maar wat is een modelovereenkomst nu eigenlijk? En wat zijn de voordelen ervan? In dit artikel zetten we alles op een rijtje. Wat is een modelovereenkomst? […]

Het voorkomen van schijnzelfstandigheid komt steeds vaker ter sprake. Misschien heb je zelfs al een waarschuwing gekregen van de Belastingdienst. Een modelovereenkomst draagt bij aan het voorkomen van schijnzelfstandigheid. Maar wat is een modelovereenkomst nu eigenlijk? En wat zijn de voordelen ervan? In dit artikel zetten we alles op een rijtje.

Wat is een modelovereenkomst?

De modelovereenkomst is een door de Belastingdienst goedgekeurde opdrachtovereenkomst. Het bevat informatie over de relatie die jij als zelfstandige hebt met een opdrachtgever. Het is een overeenkomst voor zzp’ers, waarmee je laat zien dat je zelfstandig bent. Dit betekent vervolgens ook dat een opdrachtgever geen loonheffing hoeft in te houden, omdat je zelf de verplichte belastingen zal afdragen.

Je kunt bovendien gebruik maken van een overeenkomst die zowel het werkgeversgezag uitsluit als geen verplichting kent tot persoonlijke arbeid. Dat betekent dat je vrij bent om een vervanger aan te stellen, als jij niet in staat bent om het werk uit te voeren. Ook dat draagt bij aan het zelfstandige karakter dat je hebt, waarin je zelf beslist hoe je de werkzaamheden inricht om het gewenste resultaat voor de opdrachtgever te bereiken.

Voordelen van een modelovereenkomst

Een modelovereenkomst waarin alle afspraken goed zijn vastgelegd biedt meer duidelijkheid en een beter overzicht van de afspraken tussen een zzp’er en een opdrachtgever. Hierdoor worden juridische conflicten sneller voorkomen aangezien elke partij op de hoogte is van alle vastgestelde voorwaarden.

Een ander voordeel voor zorgprofessionals van Zeno: Zeno heeft een modelovereenkomst, goedgekeurd door de Belastingdienst, gefaciliteerd en aangeboden aan het netwerk van de zorgprofessionals. Deze modelovereenkomst kan eenvoudig online getekend worden.  

Is een modelovereenkomst altijd noodzakelijk?

Een modelovereenkomst is niet altijd noodzakelijk, maar het is sterk aan te raden. Het biedt een zzp’er namelijk zekerheid.

Een zzp’er die geen modelovereenkomst gebruikt, heeft slechts beperkte zekerheid over de arbeidsverhouding. Dit houdt in dat het voor de Belastingdienst niet duidelijk is in hoeverre er sprake is van loondienst. Een modelovereenkomst is verstandig voor het beperken van dit risico.

Heb je al een waarschuwing van de Belastingdienst gekregen? Dan is het sowieso aan te raden om een modelovereenkomst op te stellen of te tekenen.

Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen? Neem dan gerust contact op via info@zenozorg.nl of 0184-184 63 67 12.

lees verder

Zinmakers: teammanager Tom staat op, voor cliënten én voor het zorgsysteem

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: Tom van Daelen (34), zorgprofessional in dienst bij Zeno.  Maandag. ‘Poeh, daar gaan we weer…’ Woensdag. ‘Lekker de week doormidden zagen.’ Vrijdag. ‘Nou, bijna weekend, jongens!’ Nee, het 9-tot-5-bestaan bij een verzekeringskantoor was niet aan Tilburger Tom besteed. […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: Tom van Daelen (34), zorgprofessional in dienst bij Zeno. 

Maandag. ‘Poeh, daar gaan we weer…’ Woensdag. ‘Lekker de week doormidden zagen.’ Vrijdag. ‘Nou, bijna weekend, jongens!’ Nee, het 9-tot-5-bestaan bij een verzekeringskantoor was niet aan Tilburger Tom besteed. Van de ene op de andere dag nam hij ontslag. Maar wat dan, hè? Via via kwam hij in de zorg terecht. Dit ga ik gewoon heel even doen, dacht hij. Brownies & downies, Down met Johnny – dat idee. Wordt vast lachen. Kijk ik daarna weer verder.

Geweren en Kabouter Plop

Dat liep anders. Op zijn eerste dag kwam Tom terecht op een intensieve zorggroep. Een man vol tattoos. Laugh now, cry later. Geweren. ‘”Ik maak je dood”, zei hij. ‘s Avonds moest ik hem op bed leggen met muziek van Kabouter Plop,’ vertelt Tom. ‘Toen een cliënt geen ketchup mocht op haar vlees, sneed ze bijna haar polsen door. Dat was mijn eerste dag. Ik dacht: wat een rare wereld, wat is dít? Maar tegelijkertijd dacht ik: wat is dit vét! Eigenlijk wist ik meteen: dit is het voor mij.’

Hoe intensiever, hoe interessanter

Al snel merkte Tom: hoe intensiever de ondersteuningsvraag, hoe interessanter hij het vond. ‘Ik voelde dat ik op dat soort momenten écht het verschil kon maken. Ik wilde dat, maar ik merkte ook dat ik het kón. Ik hou van die spanning, misschien omdat ik vroeger soms zelf een vervelend mannetje was. De Zeno-professionals zijn stuk voor stuk mensen die geen stap naar achteren zetten als het moeilijk wordt, maar juist een stap naar voren. Zo ben ik ook. Als anderen het niet meer aan kunnen, dan spring ik maar al te graag in dat gat.’

Op de rit

Niet gek dus dat Tom zich van assistent-begeleider tot teamleider/-manager ontwikkelde. In die functie werkt hij nu bij Zeno. ‘We worden door zorgorganisaties ingehuurd om de boel weer op de rit te krijgen. Laatst begonnen we ergens met vier man van Zeno. We brachten structuur aan in het leven van cliënten, door ons te focussen op het dagprogramma en onvoorwaardelijke ondersteuning te bieden. Het is heel prettig om met mensen te werken die dezelfde visie hebben. Zo kun je snel stabiliteit creëren en van daaruit stappen vooruit zetten. Uiteindelijk is het ons doel om het aantal Zeno-professionals af te bouwen, zodat de instelling het weer zelf kan oppakken. Soms ben ik zelfs verantwoordelijk voor het aannemen van nieuwe mensen bij de zorgorganisatie.’

Boodschappen gedaan? Aangenomen!

Daar zijn wat Tom betreft niet altijd lange sollicitatiegesprekken voor nodig. ‘Soms zeg ik: “Dit is cliënt A, dit is het boodschappenlijstje en hier om de hoek is de supermarkt. Als jij straks terugkomt met de boodschappen én met de cliënt, dan ben je aangenomen. Althans, als jij me goed kunt uitleggen wat jij hebt gedaan om dit goed te laten verlopen.” Zo ben ik zelf ook begonnen, leren door te doen. In de intensieve zorg heb je vaak gewoon mensen nodig die hun mannetje staan. Maar natuurlijk wel vanuit een bepaalde basis.’

Angstreflex

Voor Tom is die basis Triple C, de behandelmethodiek waarop de visie van Zeno is gebaseerd. ‘De basisprincipes zijn vrij simpel, maar in de praktijk merk ik dat het niet zo makkelijk is. Zeker nu ik bij meerdere organisaties in de keuken heb gekeken. Op de ene plek wordt de invulling van de zorg bepaald door een orthopedagoog, ergens anders bepaalt een manager zonder praktijkervaring hoeveel mensen er op een groep staan. Ik merk het ook aan hoe het personeel soms geconditioneerd is. Gooit iemand met een glas? Dan word het glas verruild voor een plastic beker. Een ruit wordt vervangen door plexiglas. Een kapotte tafel wordt niet vernieuwd, want die nieuwe tafel gaat ook weer kapot. Die angstreflex, daar ben ik dus helemáál niet van.’

Het systeem veranderen

Die traditionele kijk op zorg is voor Tom een drijfveer om de zorg nog verder te verbeteren. ‘Vooropgesteld: de cliënten hebben me enthousiast gemaakt voor het werken in de zorg. Zonder twijfel. De liefde voor hen zal ik nooit verliezen, want het zijn stuk voor stuk prachtige mensen. Maar voor mij zit de zin van het zorgen inmiddels meer in het begeleiden van personeel en het veranderen van processen. Mijn praktijkervaring als begeleider helpt daarbij. Uiteindelijk hoop ik nog hoger in de boom te komen, om zo het systeem nog meer te kunnen veranderen. Zodat we uiteindelijk iedereen een menswaardig leven kunnen bieden. Ook op dat vlak zal ik eerder een stap vooruit zetten dan een stap terug.’

lees verder

Wanneer ben je ondernemer in de zorg (volgens de Belastingdienst)?

In dit artikel vind je een overzicht van punten die de Belastingdienst als belangrijk beschouwt om als ondernemer te kunnen functioneren. Er worden vanuit wet- en regelgeving eisen gesteld, dus belangrijk is dat je dit ook naleeft. Maar nu eerst: Wanneer ben je ondernemer voor de Inkomstenbelasting, oftewel zzp’er? 1. Als de mate van duurzaamheid en […]

In dit artikel vind je een overzicht van punten die de Belastingdienst als belangrijk beschouwt om als ondernemer te kunnen functioneren. Er worden vanuit wet- en regelgeving eisen gesteld, dus belangrijk is dat je dit ook naleeft. Maar nu eerst: Wanneer ben je ondernemer voor de Inkomstenbelasting, oftewel zzp’er?

1. Als de mate van duurzaamheid en de omvang van de werkzaamheden, passen bij een onderneming.

Eigenlijk betreft dit het tegenovergestelde. Je behoort niet zozeer duurzaam voor één klant te werken, of daar 80% van je werk vandaan te halen. Het cruciale punt wat speelt bij de zzp’er in de zorg, is of de zorginstelling de klant is, of dat de cliënt dat is. Als je de jurisprudentie op dit vlak naleest, dan merk je dat de rechter veelal van mening is dat een zorgorganisatie of bemiddelende instantie, als één klant gezien wordt. Kortom, een redelijk gelijke spreiding van de lengte van opdrachten, en de verhouding tussen opdrachten, is van belang.

2. Als kapitaal en arbeid georganiseerd zijn.

Dit punt gaat in op praktische punten die gelden bij je ondernemerschap. Verricht je daadwerkelijk arbeid om aan omzet te komen? Heb je een bedrijfs- of werkruimte? Maak je gebruik van een facturatiesysteem, schrijf je zelf facturen en komt het voor dat je moet wachten op je geld? Geef je geld uit, dus maak je kosten, om aan je omzet te kunnen komen? Doe je weleens investeringen? Deze onderdelen zeggen iets over de algehele synthese tussen uitgaand en binnenkomend kapitaal en de prestatie die je daarvoor moet leveren.

3. Als je bruto baten, oftewel je omzet, groot genoeg is.

Als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, heb je recht op allerhande kortingen en regelingen. Dit scheelt de schatkist geld. Als je dus van mening bent ondernemer te zijn, dien je dit ook te kunnen bewijzen met het feit dat je ook daadwerkelijk omzet gedraaid hebt dat bij een ondernemer hoort. Ligt die omzet te laag, dan zouden deze werkzaamheden als nevenactiviteiten gezien kunnen worden, formeel Resultaat uit Overige Werkzaamheden geheten, en loop je die ondernemersaftrek mis. De Belastingdienst heeft hier een handige tool voor gemaakt.

4. Als je verwacht winst te maken.

Een onderneming starten en gedurende langere tijd een bak aan kosten maken zonder dat daar omzet tegenover staat, is geen ondernemerschap maar een verkapte aftrekpost. De Belastingdienst ziet graag dat je een redelijke kans maakt om meer geld te verdienen dan geld uit te geven. Winst dus.

5. Als je ondernemersrisico loopt.

Omzet die je wel factureert en waarbij je enige tijd moet wachten op je geld. Een vaas die je omgooit tijdens het werk en waarbij je aansprakelijk gesteld wordt voor de schade. Het inschakelen van een incassobureau omdat je je geld niet krijgt. Het zijn zaken waar ondernemers van gruwelen, maar waar de Belastingdienst van zegt; die kwetsbaarheid hoort bij het ondernemerschap. Wil je ondernemen, dan loop je risico en gaan er ook dingen fout. Ingecalculeerd risico lopen is onderdeel van je eigen bedrijf.

6. Als je je werkzaamheden zelfstandig uitvoert.

Daar is ie dan. De achilleshiel van de zzp’er in de zorg. Althans, tot voor kort. Zelf vervanging mogen regelen (zónder overleg met de zorgorganisatie of de bemiddelende instantie) en geen praktische sturing krijgen tijdens je werkzaamheden zijn enkele voorbeelden van hoe we graag zouden willen werken als zzp’ers in de zorg, maar dat in de praktijk niet vaak doen. Dit onderdeel blijft een ongelooflijk ingewikkeld punt voor de zelfstandige en zal dan ook op allerlei manieren verdedigd moeten worden. Denk hierbij onder andere aan het gebruik van de juiste contracten.

7. Als je voldoende tijd steekt in je onderneming.

Een onderneming is niet iets voor ‘ernaast’. Een onderneming is iets dat aangejaagd moet worden en waar de ondernemer continu mee in verbinding zou moeten staan. Althans, zo wordt er naar de ondernemer gekeken. De verhouding tussen een -eventueel- loondienstverband en jouw onderneming is onderwerp van discussie. Zorg ervoor dat je voldoende tijd in je onderneming steekt én ook overeenkomstig registreert.

8. Als je jezelf naar buiten kenbaar maakt.

Suggesties van een website, een blog, folders bij de huisarts, visitekaartjes in de binnenzak leidt vaak tot “is dat nou allemaal wel nodig? Ik heb genoeg werk..” Het antwoord daarop: Ja! Dit is zeker nodig want het is simpelweg niet geloofwaardig als je helemaal niets aan reclame maken of aan netwerken doet, maar je wel over een forse omzet beschikt. In zo’n geval zou je namelijk weleens bovengemiddeld gefaciliteerd kunnen worden door een bemiddelende instantie die je aan werk helpt en houdt. En dat is dan weer onwenselijk.

9. Als je over voldoende opdrachtgevers beschikt.

Er zijn nog steeds veel mensen die ervan uit gaan dat je bij drie klanten ondernemer bent. Het is slechts een van de tien items die relevant zijn. Meerdere klanten wil zeggen; ik sta in contact met een breed netwerk aan opdrachtgevers.

10. Als je je ook daadwerkelijk uit (!) als ondernemer.

Jawel, dat kan ook nog. Je gedrag is absoluut medebepalend in het oordeel van de Belastingdienst. Als je op alle vragen die de Belastingdienst stelt dat de opdrachtgever (bemiddelende instantie) daar zorg voor draagt, dan kom je minder sterk over dan dat je stelt dat je ondernemer bent, daarin gelooft en dit ook kan beargumenteren (zie voorgaande 9 items). Kortom, hetgeen wat je zegt is eveneens van belang.

Samengevat is het dus een brede mix aan praktische zaken en beeldvorming, die leiden tot het predicaat ondernemerschap. 

lees verder

Zinmakers: Lucas droomt van het opzetten van jeugdzorgprojecten in arme landen

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Lucas van Putten (29).   Lucas van Putten at pas langs de Nieuwe Maas in Vlaardingen een pizza en speelde een potje schaak. Op zich niet zo bijzonder, ware het niet dat hij dat deed met […]

Zinmaker Lucas van Putten

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. In deze editie: zelfstandig zorgprofessional Lucas van Putten (29).  

Lucas van Putten at pas langs de Nieuwe Maas in Vlaardingen een pizza en speelde een potje schaak. Op zich niet zo bijzonder, ware het niet dat hij dat deed met een oud-cliënt. Het meisje van achttien had hem gebeld; ze zat er doorheen, voelde zich gestrest nu haar schoolexamens eraan kwamen. Kom, stelde Lucas voor, we gaan even iets leuks doen. Even je hoofd leegmaken en je hart luchten. Praat maar tegen me, dan komen we er samen wel uit.

Niemand laten vallen

Het is typisch Lucas. Cliënten met wie hij werkte en een goede band opbouwde, die laat hij niet vallen. Hij is er onvoorwaardelijk voor ze, ook al kost het hem zijn vrije tijd. Al moeten het er natuurlijk geen tientallen worden. ‘Ik ben wel selectief, doe dit alleen met cliënten met wie ik een heel goede band heb opgebouwd,’ vertelt hij. ‘Als je een tijd met iemand in de jeugdzorg hebt gewerkt en iemand enorme stappen hebt zien maken, dan is het een kleine moeite om daar even twee uurtjes voor op te offeren. Ik zou het nep vinden als ik die relatie helemaal aan de kant zou schuiven, omdat zij uitgestroomd is. Ik wil gewoon dat het goed gaat met, in dit geval, dit meisje. Het was ook gewoon weer leuk om haar even te zien. Kort voor haar examen streste ze weer. Toen heb ik haar aan de telefoon gerustgesteld. Na het examen kreeg ik een bedankje. Het was goed gegaan.’

Zetjes in de rug

Het is precies de zorg die Lucas wil leveren. Hij wil zetjes in de rug geven van mensen die zelf graag vooruit willen. Intensieve zorg bieden, bijvoorbeeld bij mensen met een zware handicap, is minder zijn roeping. Hij haalt zijn energie meer uit het stimuleren van anderen. Zodat zij, eerst met ondersteuning en daarna zelfstandig, aan hun eigen groei en toekomst kunnen werken. ‘Het mooie aan werken met jongeren is dat ze nog een leven voor zich hebben. De meeste jongeren die in de jeugdzorg terechtkomen, hebben zelf niet gekozen voor de situatie waarin ze zitten. Ik heb veel schrijnende verhalen gehoord. De rode draad: een stabiele thuisbasis ontbrak. Ik wil in mijn werk graag die stabiele basis bieden, zodat ze vanuit daar verder kunnen. Ik heb veel jongeren vanaf hun twaalfde gebroken zien binnenkomen en rond hun zestiende de instelling met meer kennis en zelfvertrouwen zien verlaten. Klaar voor de volgende stap richting de maatschappij.’

Dak- en thuislozen

Lucas werkte vijf jaar als pedagogisch medewerker bij een jeugd- en opvoedhulporganisatie. Sinds een jaar is hij zelfstandig zorgprofessional. Voor Zeno werkt hij onder meer in Haarlem, bij een organisatie die dak- en thuislozen opvangt. ‘Ook dát past bij me. Je hoort de meest bizarre verhalen. Van succesvolle mensen die nooit hadden gedacht dat ze op straat zouden belandden. Door bijvoorbeeld een scheiding of financiële problemen gebeurde dat toch. Ook deze mensen hebben er niet voor gekozen, maar willen wel stappen zetten. Dus geef ik ook hen een zetje in de rug. Bij Zeno wordt goed gekeken welk type opdrachten of cliënt bij je past. Dit was echt een perfecte match.’

Straatkinderen

Waar die drang om te helpen vandaan komt? Lucas heeft wel een verklaring. ‘Ik ben altijd heel behulpzaam geweest. Dat werd vanuit huis ook gestimuleerd. Voor mijn vaders werk hebben we een tijd in het buitenland gewoond. Ik ben geboren in Mauritanië, in Noordwest-Afrika, en heb ook veel andere landen gezien. Als je daar bent geweest, besef je hoe goed we het hebben in Nederland. We kunnen klagen over de jeugdzorg – er gaat ook genoeg mis, denk aan de wachtlijsten en de verkeerde matches tussen begeleiders en jongeren. Maar we hébben tenminste zorg voor deze doelgroep. Wereldwijd zijn er nog zoveel straatkinderen. Dat is niet te bevatten voor ons.’

Ambitieuze droom

Hén wil Lucas ook helpen. ‘Ik heb al heel lang de droom om weeskinderen in Afrika te gaan helpen en mijn kennis en ervaring over de wereld te verspreiden. Die droom is waarom ik pedagogiek ben gaan studeren. Ik wil over een paar jaar jeugdzorgprojecten gaan opzetten in landen waar dit niet bestaat. Ik ben me al aan het oriënteren, maar voorlopig wil ik eerst hier nog ervaring opdoen. Want ook in Nederland zijn er nog meer dan genoeg jongeren die hulp nodig hebben.’

lees verder

Zinmakers: Linette, van kunstenares naar ambulant jeugd- en gezinsprofessional

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan Linette Trapman (50), deels in dienst bij Zeno aan Huis en deels zelfstandig jeugd- en gezinsprofessional.   Waar het vandaan komt? Linette heeft geen idee. Maar al haar hele leven voelt ze iets voor […]

zinmaker linette trapman

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan Linette Trapman (50), deels in dienst bij Zeno aan Huis en deels zelfstandig jeugd- en gezinsprofessional.  

Waar het vandaan komt? Linette heeft geen idee. Maar al haar hele leven voelt ze iets voor kinderen en jongeren “die iets hebben”. Eigenlijk wilde ze na de havo de studie hbo jeugdzorg volgen. Door omstandigheden werd het iets heel anders: grafische vormgeving. Ze ontwikkelde zichzelf tot kunstenares. Vanuit haar atelier in haar tuin gaf ze tekenlessen en workshops aan kinderen. Het succes van de YouTube-tutorials werkte niet in haar voordeel. En dus dacht ze in 2019: wat zal ik nu eens gaan doen? Diep van binnen bleek de jeugdzorg nog steeds te trekken. Ze volgde een opleiding social work en is nu gediplomeerd jeugd- en gezinsprofessional.

Zeno aan Huis

Linette is voor 12 uur per week in dienst bij Zeno aan Huis en werkt de rest van de tijd als zelfstandige. Een perfecte match, zegt ze. ‘Het geeft me een stuk zekerheid, maar ik leer bij Zeno ook zóveel van andere professionals. Ik kan met hen overleggen over cases. Die ervaring neem ik mee naar mijn eigen praktijk. Daarnaast passen de zorgvisie van Zeno aan Huis en die van mij perfect bij elkaar. Betrokkenheid, nabijheid, actief en ondernemend zijn, dingen samen doen met een cliënt, altijd het positieve zien… Ja, dat is precies hoe ik zorg wil leveren.’

Niks om voor te schamen

En dan heeft Linette nog een ander onderscheidend element: haar persoonlijke ervaring. Ze adopteerde twintig jaar geleden een zoon van toen drieënhalf jaar oud, met autisme en Gilles de la Tourette. ‘Ik weet precies hoe ouders het ervaren als een ambulant begeleider thuiskomt. Dat kan soms lastig zijn, het is niet altijd fijn om een vreemde in huis te hebben. Zeker als het niet lekker loopt. Ouders van kinderen met gedragsproblemen schamen zich vaak. Ik zeg direct: dat is niet nodig, want ik heb alles meegemaakt, tot van school gestuurd worden aan toe. En natuurlijk snap ik dat ik niet zomaar een keukenkastje kan opentrekken of een slaapkamer kan binnenstappen. Ouders vinden het heel fijn dat ik uit eigen ervaring kan praten en dat ik begrip heb voor hun situatie.’

Thuis is de basis

De 1-op-1 ambulante begeleiding heeft Linette’s hart gestolen. Waar ‘m dat in zit? ‘Ik vind het gewoon heel fijn om in alle rust met een cliënt te kunnen werken. Op die manier kan ik beter structuur bieden en het vertrouwen winnen van een cliënt. Thuis is de basis, daar moet iemand zich fijn en vertrouwd voelen. Ik weet hoe lastig het kan zijn om als ouder begeleiding aan je kind te geven, zeker als je nog andere kinderen hebt. Vanuit huis dingen ondernemen – naar werk gaan, boodschappen doen of gaan sporten; dat vind ik gewoon mooi om te doen.’

Eyeopeners

Linette werkt het liefst met jongeren. ‘Met hen is nog zoveel winst te behalen, omdat ze een leven voor zich hebben. Bovendien vragen ze zich in deze fase af: wat wil ik? Wie ben ik? Hoe zit ik in elkaar? Jongeren kunnen reflecteren – meer dan jongere kinderen. Jongeren en jongvolwassenen eyeopeners geven, waarmee ze verder kunnen, dat is een van de mooiste dingen die er is. Maar ik vind het ook heel fijn om ouders te helpen. Bijvoorbeeld door hen te vertellen over de methode “Geef me de 5” bij kinderen met autisme. Zij willen weten: Wat is mijn taak? Hoe voer ik hem uit? Waar vindt het plaats? Wanneer moet ik het doen? En tot slot: wie is erbij betrokken? Mis je één van die vijf, dan kan een kind blijven malen. Terwijl je als ouder denkt: ik heb toch alles verteld?’

Alles komt samen

Linette profiteert van haar creatieve achtergrond en ervaring. ‘Voor mijn zoon maakte ik picto’s, die hem structuur en duidelijkheid brachten. Ook nu geniet ik ervan om creatief met jongeren aan de slag te gaan. Bijvoorbeeld door samen een bullet journal te maken. Dat soort dingen deed ik al, nu doe ik het met een professionele ondergrond. Ik kan daar helemaal in opgaan, ook buiten werktijd om. Dat is een valkuil, maar ook mijn kracht. Want doordat ik er zó over blijf nadenken, ontstaan ideeën en oplossingen. Ook bij andere collega’s bij Zeno merk ik dat; we zijn altijd op zoek naar beter. Naar het beste. Bij dit werk valt alles waar ik van houd als een puzzel in elkaar. Dat is een heerlijk gevoel. Ik weet zeker dat ik dit tot mijn pensioen blijf doen.’

lees verder

Zinmakers: Danny krijgt met zijn positivisme iedereen mee, ook de ouders van cliënten

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan zelfstandig zorgprofessional Danny van der Stelt (33). Eerst dacht de 9-jarige Danny dat het wel zou loslopen. Maar toen zijn zusje ouder werd, zag hij het: ze is anders dan anderen. Ze bleek een […]

In de rubriek Zeno Zinmakers vertellen onze professionals over hun zin om te zorgen. Deze keer is het de beurt aan zelfstandig zorgprofessional Danny van der Stelt (33).

Eerst dacht de 9-jarige Danny dat het wel zou loslopen. Maar toen zijn zusje ouder werd, zag hij het: ze is anders dan anderen. Ze bleek een matig verstandelijke beperking te hebben. Het functieniveau van een 4- of 5-jarige. Lezen en schrijven lukt haar niet. Maar met haar communiceren, dat gaat perfect. Danny en zijn inmiddels 24-jarige zusje zijn twee handen op één buik. De band is zeer hecht.

Van hobby naar beroep

Eigenlijk, zegt Danny, heeft hij een beetje van zijn hobby zijn beroep gemaakt. Want hoe ouder zijn zusje werd, hoe meer hij inzag dat dingen die vanzelf zouden moeten gaan, bij haar soms uiterst moeizaam verliepen. ‘Ik ging met haar mee naar school, organiseerde bingoavonden voor haar en haar vriendjes en vriendinnetjes. Op latere leeftijd keek ik ook naar haar zorgplannen, dacht ik met mijn ouders mee over de instelling die bij mijn zusje zou passen. Ik vind mensen met een beperking geweldig; ze zijn puur en oprecht.’

Spring maar op m’n rug

En dus was het niet onlogisch dat Danny op zijn 20ste in de zorg belandde. Hij koos niet de makkelijkste weg. ‘Ik had met cliënten zoals mijn zusje kunnen gaan werken. Matig verstandelijke beperking, syndroom van Down, een beetje de “makkelijke” gehandicapten. Maar ik koos voor de Very Intensive Care. Cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag, agressie, hechtingsstoornis en automutilatie. Ook zij hebben recht op een zo menswaardig mogelijk leven. Ik wil niks liever dan cliënten het gewone leven laten ervaren. Spring maar op m’n rug. Ik geef jou het vertrouwen en samen komen we er wel. Samen kunnen we de wereld aan. Dat is ook precies de visie van Zeno. Daarom passen we zo goed bij elkaar. Zeno staat echt voor de kwaliteit van de zorg. Iedereen die hier werkt, doet dit oprecht vanuit zijn hart.’

Zwembad ontruimd

Dat gaat vaak goed. Maar niet altijd. Er moest eens een volledig zwembad worden ontruimd, omdat een cliënt ondanks een zwemluier ontlastte in het water. ‘En ik heb eens meegemaakt dat mensen in een park in Den Bosch de politie belden. De drukte werd een cliënt te veel, waardoor hij hevig auto mutileerde en zichzelf begon te bijten. Ik moest hem fixeren, maar dat viel natuurlijk op. Achteraf hadden we die situatie verkeerd ingeschat; we hadden niet naar het park moeten gaan. Maar dat houdt me niet tegen om het de volgende keer weer te proberen.’

Positivisme en ADHD

Het is maar goed dat Danny positief is ingesteld. ‘Wat ik van collega’s vaak hoor, is dat ik door mijn enthousiasme en mijn super positieve houding cliënten vaak vanzelf mee krijg. Ik hoef daar geen moeite voor te doen. Ik ben gewoon positief en heb ook een beetje ADHD. Een combinatie die een positieve weerslag heeft op cliënten, maar ook op teamleden.’

Kneepjes van het vak leren

Dat laatste komt dan weer van pas in zijn huidige functie van teamleider/-manager. ‘Er komen vanwege de enorme vraag naar personeel steeds meer onervaren mensen de zorg in. Ik leer hen de kneepjes van het vak en de methodieken, zoals Triple C. Ook bewaak ik als teamleider de onderlinge sfeer. Mijn overtuiging is: hoe sfeervoller het is tussen collega’s onderling, hoe beter het is voor de cliënten. Zo zorg ik ervoor dat we samen dezelfde koers varen, richting die stip aan de horizon. Dat is niet altijd makkelijk, want meestal kom ik in situaties waarin het niet lekker loopt. Maar met mijn positivisme en mijn manier van werken en structuur aanbrengen, komt het uiteindelijk altijd goed.’

Contact met ouders

Ook vindt Danny het belangrijk om de driehoek cliënt-ouder-begeleiding te bewaken. ‘Je hebt elkaar nodig om tot iets moois te komen voor een cliënt. Het contact met ouders is zó belangrijk, weet ik uit persoonlijke ervaring. Het is voor ouders vaak moeilijk om de zorg voor hun kind uit handen te geven. De ene ouder zegt: dit kan mijn kind helemaal niet. De ander vindt dat je het kind te weinig aandacht geeft. Thuis mogen cliënten soms andere dingen, om ze een beetje te pleasen. Als begeleiding kunnen we daar niet altijd in meegaan, wij bewaken de lijn tussen wens en behoefte. Maar het is wel belangrijk om daar goed over te praten met ouders.’

Voor altijd zorgen

En zijn zusje? ‘Zij doet het supergoed op de woongroep waar ze nu woont met veertien anderen. Dat is niet vanzelfsprekend, dus ik ben blij dat het zo goed gaat. Regelmatig ga ik bij haar langs en gaan we leuke dingen doen. Dat zal ik altijd blijven doen, net zoals werken in de zorg. Ik kan me geen mooier werk voorstellen.’

lees verder